Naar inhoud

Terug naar het overzicht

18-08-10 Seniorvakantie

Een werknemer van 50 jaar of ouder die het werk hervat als loontrekkende in de privé-sector na een periode van volledig werkloosheid of invaliditeit in de loop van het vorige jaar kan seniorvakantie nemen ter aanvulling van zijn onvolledig recht op vakantie.

 

A. Voorwaarden

1. Minstens 50 jaar

De werknemer moet op 31 december van het vakantiedienstjaar minstens 50 jaar oud zijn.

 

2. Volledige werkloosheid of invaliditeit na een jaar ziekte

De werknemer heeft geen recht hebben op vier weken betaalde vakantie tijdens het vakantiejaar als gevolg van een periode van volledige werkloosheid of invaliditeit na een jaar ziekte in de loop van het vakantiedienstjaar. Zodus vanaf de dertiende maand arbeidsongeschiktheid.

De seniorvakantie kan dus niet worden toegekend aan werknemers die tijdelijk werkloos zijn wegens overmacht, zich in een periode van onbetaald verlof bevinden, enz.

 

3. Arbeidsovereenkomst

De werknemer moet als arbeider of bediende verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst.

 

4. Regelgeving jaarlijkse vakantie

De werknemer moet tewerkgesteld zijn als loontrekkende en vallen onder het toepassingsgebied van de regelgeving van de jaarlijkse vakantie.

 

5. Geen verplichting

De oudere werknemer is niet verplicht om zijn dagen seniorvakantie op te nemen. Het tijdstip van het opnemen van de seniorvakantie gebeurt op dezelfde wijze als voor de gewone vakantiedagen.

Indien de oudere werknemer beslist om zijn seniorvakantiedagen niet op te nemen, dan kan hij deze niet overdragen naar het volgende jaar. Hij is deze dagen kwijt.

Uw deeltijdse werknemer kan eveneens seniorvakantie nemen. Na uitputting van zijn wettelijke betaalde vakantie kan hij seniorvakantiedagen nemen. De dagen zullen in dit geval proportioneel vergoed worden. De seniorvakantie heeft geen invloed op de berekening van de inkomensgarantie-uitkering (deeltijdse werknemer met behoud van rechten). U vult hiervoor het formulier C131B op de normale manier in.

Ook uw oudere werknemer in een activeringsprogramma (Activa, Doorstromingsprogramma’s,…) kan seniorvakantie nemen. U vult hiervoor het toepasselijke C78-formulier op de normale manier in en vermeldt als nettoloon enkel de effectieve vergoeding voor de betrokken maand.

Zolang een werknemer gerechtigd is op seniorvakantiedagen, kan deze geen uitkering voor collectieve sluiting wegens jaarlijkse vakantie genieten.

Opmerking

De seniorvakantie wordt gelijkgesteld met gewone vakantie voor de andere takken van de sociale zekerheid (kinderbijslag, ziekteverzekering, pensioen) en voor het recht op vakantie tijdens het volgende jaar.

 

B. Wie betaalt wat?

De uitbetaling van het vakantiegeld voor de vakantiedagen van de arbeider zijn ten laste van de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie of een bijzonder vakantiefonds. Voor bedienden is deze uitbetaling ten laste van de werkgever. 

De dagen die toegekend worden als seniorvakantiedagen zijn ten laste van de Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling (RVA).

De seniorvakantie-uitkering wordt slechts toegekend voor seniorvakantiedagen ten belope van vier weken, verminderd met de gewone betaalde vakantiedagen waarop de oudere werknemer gerechtigd is overeenkomstig de regeling inzake jaarlijkse vakantie van de werknemers.

1. Bedrag

De seniorvakantie-uitkering bedraagt 65% van het theoretische brutoloon van de jongere tijdens de eerste maand waarin de seniorvakantie wordt opgenomen. Dit bedrag is begrensd tot 1.921,71 euro per maand (= plafondbedrag). Het maximumbedrag bedraagt 48,04 euro in de zesdagenweek. Op het bedrag wordt een fiscale voorheffing van 10,09% ingehouden.

Het aantal seniorvakantiedagen wordt per maand bekomen via volgende formule:

V x 6  - saldo J

   S

waarbij  V = aantal uren werkloosheid ingevolge vakantie of seniorvakantie

J = het gewogen aantal dagen dat voltijds gedekt is door vakantiegeld met afrondingen:

  •  < 0,25 wordt 0
  • 0,25 tot < 0,75 wordt 0,5
  • 0,75 wordt 1

 

2. Voorbeeld

Een werknemer werkt 38 uren per week (= voltijds). Hij heeft een brutomaandloon van 1.854,35 euro. Hij heeft nog één gewone wettelijke vakantiedag over. Hij neemt één week vakantie in de maand september.

[(38 x 6)/38] – 1 = 5  seniorvakantie-uitkeringen van 48,04 euro of 240,20 euro

Opmerking:

De seniorvakantie-uitkeringen zijn, in tegenstelling tot de jeugdvakantie, niet éénmalig. De oudere werknemer die reeds genoot van het recht op seniorvakantie en op een later moment opnieuw aan de voorwaarden voldoet, zou er dus meerdere keren van kunnen genieten.

 

C. Seniorvakantie aanvragen

U heeft als werkgever m.b.t. de te vervullen formaliteiten de mogelijkheid om te kiezen voor een papieren aangifte of een elektronische aangifte.

1. De papieren aangifte

Na de eerste maand dat de oudere werknemer seniorvakantie neemt, dienen drie formulieren ingediend te worden bij de uitbetalingsinstelling naar keuze van de werknemer (ABVV, ACLVB, ACV of HVW) met name:

  • C.103-Seniorvakantie-werknemer: in te vullen door de werknemer;
  • C.103-Seniorvakantie-werkgever in tweevoud: in te vullen door de werkgever.

De aanvraag om seniorvakantie-uitkeringen wordt door de uitbetalingsinstelling overgemaakt aan de RVA. De aanvraag moet bij de RVA toekomen ten laatste in februari van het jaar volgend op het jaar waarin vakantie wordt genomen.

 

2. De elektronische aangifte

De C 103-Seniorvakantie-werkgever mag vervangen worden door een bericht dat elektronisch wordt verzonden. In dit geval moet slechts één papieren document worden ingediend, nl. een C 103-Seniorvakantie-werknemer op het ogenblik van de eerste seniorvakantie. 

Indien uw oudere werknemer tijdens zijn seniorvakantiedagen een beroepsinkomen of een vervangingsinkomen ontvangt, moet hij zijn uitbetalingsinstelling hiervan schriftelijk op de hoogte te brengen.

 

Besluit

Oudere werknemers die in 2009 werkloos of invalide waren, kunnen in 2010 toch genieten van 4 weken vakantie indien ze voldoen aan een aantal voorwaarden.

 
 
Bron: Artikel 5 van de Gecoördineerde wetten van 28 juni 1971 betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers; Artikel 7 §1quater van de Besluitwet van 28 december 1944; Artikel 36bis, 78bis, 131ter, §1 en 137, §2  van het koninklijk Besluit van 25 november 1991; www.rva.be
Home
Nieuws
Infobank
Acerta Tools
Sectorale akkoorden
Modeldocumenten
Publicaties en kennisdatabanken
Gratis publicaties
Berekeningen en simulaties
Checklists
Bedragen
Verplichtingen werkgever
Aangiften
Mediwe medische controles
Sociale Verkiezingen 2012
Aanbod
Starters
Zelfstandigen en vrije beroepen
Boekhouders en accountants
KMO
Grote ondernemingen
Social Profit
Publieke Sector
Acerta Port & Logistics
Kinderbijslag werknemers
Over Acerta
MyAcerta