Vorige

HR en sport: (g)een wereld van verschil

25 september 2019 Sarah De Groof Werkgevers

Metaforen uit de (top)sport, je hoort ze vaak om situaties binnen een onderneming te omschrijven. Meestal gaat het dan over een manager die de rol van een coach op zich neemt. Sport leert ons immers hoe je een team tot succesvolle resultaten kan leiden. Maar uit de sportwereld valt nog heel wat meer te leren.

Leestijd: Later lezen?

Aanwezig zijn is niet per se productief zijn

Topsporters gaan op een andere manier met tijd om dan de gemiddelde werknemer. Werknemers hebben meestal een 38-urenweek. Dat wil zeggen dat ze gedurende 38 uur aanwezig moeten zijn. De focus ligt bijgevolg op de aanwezigheid en niet op het gebruik van die tijd.

Bij sporters ligt dat anders. Hun schema beperkt zich tot enkele uren sport per dag. Zij gaan bijvoorbeeld twee uur in de voormiddag en twee uur in de namiddag trainen. Wat daarbij belangrijk is, is dat ze hun training optimaal afwerken. Ze volgen hun trainingsschema, ze doen hun oefeningen, ze meten het resultaat en ze luisteren naar hun lichaam. Dat laatste is zeker belangrijk. Door naar hun lichaam te luisteren weten ze of ze te veel of te weinig aan het trainen zijn. Want beide scenario’s zijn niet goed voor de resultaten. Hoe lang een training duurt kan variëren. Maar gedurende deze momenten zijn ze ‘full focus’. Hun doel is duidelijk, de weg om dat doel te bereiken ook. Ze benutten hun trainingstijd maximaal.

In de bedrijfswereld wordt de focus nog te vaak gelegd op de aanwezigheid van werknemers. Een recente studie van Acerta bevestigt dat werknemers nog veel belang hechten aan aanwezigheid. Nochtans zou de focus niet moeten liggen op de gepresteerde tijd, maar op hoe die tijd benut wordt en hoeveel energie een werknemer over of tekort heeft na een werkdag. Een evolutie dus van timemanagement naar energy management.

Natuurlijk is het resultaat bij sport gemakkelijk om te meten. In de bedrijfswereld is dat niet altijd zo evident. Maar focussen op tijdsbeleving in de plaats van tijdsduur is een win-winsituatie voor zowel onderneming als de werknemer.

Is een topsporter een goede werknemer?

We nemen er een voorbeeld bij. Stel dat je een topsporter als kandidaat hebt voor een vacature binnen je bedrijf. Zou je die persoon dan willen aannemen? Je weet dat hij of zij minder tijd zal hebben. Een 38-urenweek zal hoogstwaarschijnlijk geen mogelijke opdracht zijn. Maar anderzijds zijn topsporters zo gefocust en zo getraind dat ze op korte tijd veel werk kunnen verrichten. Hij of zij zal in 30 uren misschien wel evenveel werk kunnen verzetten als iemand die 38 uren werkt.

Deze vraag vind je ook terug in de wetenschappelijke literatuur rond werk-privébalans. Enerzijds zal de topsporter meer moeite hebben om aanwezig te zijn tijdens de normale werkuren. Dit kan tot een conflict tussen werk en privé leiden (life-to-work conflict). Anderzijds haalt de topsporter energie uit zijn sport en brengt hij of zij die energie ook mee naar het werk. Dit is een verrijking van zijn werk-privébalans (life-to-work enrichment). Het is dus een kwestie van zowel positieve als negatieve effecten, waarbij het ene het andere kan compenseren. De werkelijke vraag is dus welke cultuur jij, als werkgever, wil stimuleren: een aanwezigheidscultuur of een outputcultuur.

Hr en sport tijdens het HR festival

Op vrijdag 18 oktober neemt Sarah De Groof, Senior Consultant bij Acerta, deel aan een panelgesprek over hr en sport tijdens het HR festival in Kortrijk XPO. Wil je er graag bij zijn?

Inschrijven

Deel dit artikel

Sarah De Groof

Geschreven door Sarah De Groof

Senior Consultant bij Acerta

Gerelateerde artikels

Aantal geleidelijke werkhervattingen na ziekte verdubbeld op vijf jaar
Werkgevers

Aantal geleidelijke werkhervattingen na ziekte verdubbeld op vijf jaar

10 oktober 2019 Karen Van Den Bergh

Om het traject naar werkhervatting voor arbeidsongeschikte werknemers te vergemakkelijken, bestaat er sinds eind 2016 een formele re-integratieprocedure. Die lijkt effect te hebben: het aantal gedeeltelijke (of progressieve) werkhervattingen na een ziekte of ongeval is bijna verdubbeld op vijf jaar tijd.

Lees meer
1 op 3 werkgevers niet vertrouwd met re-integratie
Werkgevers

1 op 3 werkgevers niet vertrouwd met re-integratie

23 juli 2019

Sinds 1 december 2016 biedt het re-integratietraject de mogelijkheid langdurig arbeidsongeschikte werknemers te begeleiden richting een progressieve werkhervatting. Tweeënhalf jaar later stellen we vast dat ruim 32% van de werkgevers niet bekend is met het wettelijk kader rond re-integratie.

Lees meer
Re-integratie van langdurig zieken lukt (nog) niet
Werkgevers

Re-integratie van langdurig zieken lukt (nog) niet

08 mei 2019

Het middellang ziekteverzuim scheert hoge toppen. En dat is niet zo best. Sinds 2016 is het middellang ziekteverzuim – ziekteperiodes met een duur tussen 1 maand en 1 jaar – gestegen met 9,5%.

Lees meer