Mobiliteitsbudget, een 2e alternatief voor de klassieke bedrijfswagen

17 september 2018

De regering heeft een nieuw voorstel klaar om de mobiliteitsproblemen in ons land op te lossen. Dit voorstel, dat niet verward mag worden met de reeds bestaande mobiliteitsvergoeding, voorziet een scala aan vervoermiddelen waaruit de werknemer kan kiezen. Zo kan de werknemer, rekening houdend met zijn persoonlijke situatie en de verplaatsing die hij wil maken, het meest geschikte vervoermiddel kiezen. Dit kan echter nog steeds een bedrijfswagen zijn, daarin is het mobiliteitsbudget dus minder strikt dan de mobiliteitsvergoeding (‘cash for car’).

Principe

Het mobiliteitsbudget geeft werknemers die een bedrijfswagen hebben, of die ervoor in aanmerking komen, de mogelijkheid om in de plaats daarvan 1 of meerdere (alternatieve) vervoermiddelen te kiezen om hun privéverplaatsingen mee af te leggen. Het blijft mogelijk om over een bedrijfswagen te beschikken, zij het dan wel een milieuvriendelijkere. De verschillende vervoermiddelen waaruit werknemers kunnen kiezen zijn ondergebracht in 3 pijlers die elk hun eigen (para)fiscale behandeling ondergaan.

Voorwaarden

Werkgeversvoorwaarden

Enkel werkgevers die sinds minstens 36 maanden ononderbroken 1 of meerdere bedrijfswagens ter beschikking stellen, kunnen een mobiliteitsbudget invoeren.

Voor werkgevers die nog geen 36 maanden bestaan, volstaat het dat zij 1 of meerdere bedrijfswagens ter beschikking stellen om het mobiliteitsbudget in te kunnen voeren.

Werknemersvoorwaarden

Werknemers die bij functieverandering of in geval van promotie behoren tot een functiecategorie die recht geeft op een bedrijfswagen kunnen een mobiliteitsbudget aanvragen.

Zij moeten op het moment van hun aanvraag bovendien:

  • minstens 3 maanden ononderbroken over een bedrijfswagen beschikken of ervoor in aanmerking komen bij de huidige werkgever;
  • in de afgelopen 36 maanden minstens 12 maanden over een bedrijfswagen beschikt hebben of ervoor in aanmerking komen bij de huidige werkgever.

Nieuw aangeworven werknemers die in aanmerking komen voor een bedrijfswagen kunnen onmiddellijk een mobiliteitsbudget aanvragen.

Vaststelling mobiliteitsbudget

Indien voldaan is aan de voorwaarden voor het mobiliteitsbudget, moet het beschikbare budget bepaald worden. Dit gebeurt op basis van de ‘total cost of ownership’ van de bedrijfswagen. Dit is de totale jaarlijkse bruto kostprijs van de bedrijfswagen voor de werkgever. Het gaat dan bijvoorbeeld om de financierings- en onderhoudskosten van de wagen, brandstofkosten, (para)fiscale lasten,… Dit betekent dat werknemers die verder van het werk wonen een groter mobiliteitsbudget zullen krijgen.

Er moet steeds gekeken worden naar de bedrijfswagen die hoort bij de functiecategorie van de werknemer. Indien die wijzigt, evolueert het mobiliteitsbudget mee (naar boven of naar onder).

Vervoermiddelen kiezen uit 3 pijlers

Het mobiliteitsbudget kan worden gebruikt om 1 of meerdere vervoermiddelen te kiezen, gespreid over 3 pijlers.

  mogelijke vervoermiddelen (para)fiscale behandeling
Pijler 1 milieuvriendelijkere bedrijfswagen

voorbeelden: elektrische wagen, wagen met max. C02-uitstoot van 95 g,…
klassieke (para)fiscaliteit van de bedrijfswagen:
  • CO2-bijdrage ten laste van de werkgever
    • belastbaar voordeel alle aard voor de werknemer
Pijler 2 duurzame vervoermiddelen

voorbeelden: abonnementen of tickets voor openbaar vervoer, aankoop of onderhoud van fietsen, fietsvergoeding, bedrijfsfiets, carpooling, fietsdeelsystemen, georganiseerd gemeenschappelijk vervoer, huur- of interestlasten van een woning gelegen op max. 5 km van de tewerkstellingsplaats,…
netto pijler, geen inhoudingen voor RSZ en/of fiscus
Pijler 3 uitbetaling saldo budget op het einde van het kalenderjaar bijzondere sociale zekerheidsbijdrage van 38,07% ten laste van de werknemer

De eventuele verplichtingen van de werkgever om tussenkomsten in het woon-werkverkeer te betalen, houden op te bestaan.

Welk systeem het meest interessant is voor uw werknemer, de mobiliteitsvergoeding of het mobiliteitsbudget, zal afhangen van zijn concrete situatie. De omvang van beide wordt anders bepaald, net zoals de (para)fiscale lasten die erop verschuldigd zijn. Het zal wel mogelijk zijn om over te stappen van het ene systeem naar het andere.

Deze bespreking is gebaseerd op ontwerpwetgeving en is dus nog onder voorbehoud van publicatie in het Belgisch Staatsblad.  

Bron:
Wetsontwerp betreffende de invoering van een mobiliteitsbudget. 

Deel dit juridisch nieuws en updates
Terug naar overzicht juridisch nieuws en updates