Ouderschapverlof

Leestijd: Later lezen?

Ouderschapsverlof wordt toegekend naar aanleiding van een geboorte of adoptie. Het is een van de drie thematische verloven waarmee je als werkgever te maken kunt krijgen. Om het ouderschapsverlof beter af te stemmen op de nood voor wendbaar werk, liggen er nieuwe wetsvoorstellen op tafel.

Ouderschapverlof: voorwaarden

Je kent ouderschapsverlof toe aan medewerkers die je, in de loop van vijftien maanden vóór de aanvraag, minstens twaalf maanden hebt tewerkgesteld. Voor het onderwijs of de openbare sector volstaat het om in dienstactiviteit te zijn – ongeacht de anciënniteit.

De prestaties worden volledig of deels geschorst:

  • Volledige schorsing gedurende vier maanden: op te nemen in één keer of per maand.
  • Vermindering van prestaties (halftijds) gedurende acht maanden: in blokken van twee maanden of een veelvoud daarvan.
  • Vermindering van prestaties (1/5de) gedurende twintig maanden: alleen bij voltijdse tewerkstelling, per blokken van vijf maanden of een veelvoud daarvan.

Je medewerkers mogen het ouderschapsverlof opnemen tot het kind 12 jaar is, al kan de leeftijd worden opgetrokken tot 21 jaar wanneer het gaat om een gehandicapt kind. Bij een adoptie kan het ouderschapsverlof opgenomen worden vanaf de inschrijving in het bevolkingsregister tot het kind uiterlijk 12 jaar is, of 21 jaar in geval het gaat om een gehandicapt kind.  

Je medewerkers moeten hun aanvraag indienen via een aangetekend schrijven of door overhandiging van een gewone brief waarbij de werkgever een duplicaat tekent voor ontvangst – ten vroegste drie maanden en ten laatste twee maanden voor de begindatum. Vanaf de aanvraag tot drie maanden na het einde van het ouderschapsverlof geniet de medewerker ontslagbescherming.

Voor medewerkers met een strategische functie mag je als werkgever onder strikte voorwaarden het ouderschapsverlof uitstellen. Ouderschapsverlof wordt vergoed via een forfaitaire uitkering door de RVA.

Ouderschapsverlof voor een week

Naast de huidige regeling van vier maanden voltijds, acht maanden halftijds of twintig maanden 1/5de, is er een wet gepubliceerd om tegemoet te komen aan de veranderende gezinscontext: 1/10de van een voltijdse werkweek gedurende veertig maanden.

Voor nog meer flexibiliteit kan de medewerker bijvoorbeeld kiezen voor een halve dag per week of één dag om de twee weken. De werkgever kan het 1/10de ouderschapsverlof weigeren of uitstellen. De modaliteiten hiervan zijn tot op heden niet bekend. Het is immers nog wachten op de nodige Koninklijke besluiten die de voorwaarden voor het 1/10de ouderschapsverlof verder uitwerken.

Tot de nodige Koninklijke besluiten gepubliceerd zijn, kan er dus geen effectief gebruik gemaakt worden van het 1/10de ouderschapsverlof.

Moederschapsverlof

Moederschapsverlof of moederschapsrust bestaat uit een periode van zwangerschapsrust (prenataal) en bevallingsrust (postnataal). Een medewerkster heeft in totaal recht op vijftien weken bij een éénling, en negentien weken bij een meerling. De bevallingsrust bedraagt minimaal negen weken (of elf bij een meerling), plus de eventueel niet opgenomen (facultatieve) zwangerschapsrust.

De zwangerschapsrust mag worden opgenomen vanaf de zesde week voor de vermoedelijke bevallingsdatum, en is verplicht op te nemen vanaf de zevende dag voor die datum. Ten laatste zeven weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum, moet de medewerkster een medisch attest bezorgen. Als er een meerling verwacht wordt, moet dit uiterlijk 9 weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum gebeuren.

De medewerkster ontvangt van haar ziekenfonds een moederschapsuitkering. De eerste 30 dagen krijgt ze een bepaald percentage berekend op haar onbegrensd loon, daarna wordt er een percentage berekend op een begrensd loon.

Vaderschapsverlof

Vaderschapsverlof of geboorteverlof wordt toegekend als de afstamming langs vaderskant vaststaat of indien de werknemer getrouwd is met de persoon ten aanzien van wie de afstamming vaststaat of indien de werknemer wettelijk of feitelijk samenwoont met die persoon. De vader of meeouder heeft dan recht op tien dagen geboorteverlof, zowel voor een eenling als een meerling. De vader of de meeouder moet het verlof opnemen binnen de vier maanden vanaf de bevalling – in één keer of verspreid.

De eerste drie dagen ontvangt de vader of meeouder zijn volledig loon; de volgende zeven dagen een uitkering van het ziekenfonds die 82 % van het brutoloon bedraagt (begrensd tot een bepaald bedrag).

Bij overlijden of hospitalisatie van de moeder kan het geboorteverlof worden omgezet in moederschapsrust. Vaders of meeouders die gebruik maken van hun recht op geboorteverlof, genieten onder bepaalde voorwaarden ook een ontslagbescherming.

Je personeelsbestand en verloven beheren volgens het boekje? Met Acerta sociaal secretariaat verloopt het van een leien dakje!