Coronasteunmaatregelen voor zelfstandigen in 2021

Overbruggingsrecht 2021

Ook in 2021 kan je het overbruggingsrecht aanvragen. We maakten alvast een overzicht voor je per maand:

  • Januari 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.
  • Februari 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.
  • Maart 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.
  • April 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.
  • Mei 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.
  • Juni 2021: lees hier welke uitkeringen je kan aanvragen.

Betalingsuitstel sociale bijdragen

Elke zelfstandige, ongeacht de bijdragecategorie, die financiële moeilijkheden heeft door de coronacrisis, kon in 2021 ook betalingsuitstel vragen voor bepaalde sociale bijdragen. Deze maatregel is ondertussen verstreken. De aanvraagtermijn liep af op 14 juni 2021. Deze maatregel geldt niet voor reeds betaalde bijdragen.

Door dit betalingsuitstel krijg je één jaar extra de tijd om je bijdragen te betalen. Dit betekent dat je de bijdrage van het tweede kwartaal 2021 of de eindafrekening die vervalt op 30 juni 2021 pas tegen 30 juni 2022 moet betalen.

Tijdens het uitstel blijf je volledig in orde met je sociale rechten, zoals kinderbijslag, ziekteverzekering en pensioen. Ook je uitkeringen overbruggingsrecht, geboorteverlof en mantelzorg komen niet in het gedrang. Al deze rechten blijven verzekerd op voorwaarde dat je je bijdragen betaalt binnen de uitgestelde betaaltermijn. Als je de bijdragen niet betaald hebt op de uitgestelde betaaldatum, dan worden de betaalde uitkeringen teruggevorderd en worden er retroactief verhogingen aangerekend.

Opgelet: als je gebruik maakt van het betalingsuitstel, is de betaalde VAPZ-premie niet fiscaal aftrekbaar.

Vermindering sociale bijdragen

Als je inkomen van dit jaar onder de voorlopige berekeningsbasis van je sociale bijdragen van dit jaar ligt, kan je je voorlopige sociale bijdragen laten verminderen. Hiervoor moet je twee dingen aantonen:

  • je inkomen is gedaald door de coronacrisis, bv. door een gedwongen sluiting;
  • je geschat inkomen voor 2021 ligt onder één van de wettelijke drempels. Meer informatie vind je hier.

Hoe kan je deze vermindering regelen?

Let wel op: als je definitieve inkomsten toch hoger zijn dan de gekozen drempel, zal je het verschil moeten bijbetalen. Bovendien worden er in dat geval ook verhogingen aangerekend. Je kan dit vermijden door voor het einde van dit jaar nog extra bijdragen bij te storten.

Vrijstelling sociale bijdragen

Als je tijdelijk zware financiële problemen ondervindt door de coronacrisis, dan kan je overwegen om een vrijstelling van je sociale bijdragen aan te vragen.

Deze mogelijkheid bestaat voor de volgende zelfstandigen (ook wanneer ze primostarter zijn):

  • zelfstandigen in hoofdberoep
  • zelfstandigen met artikel 37, die evenveel betalen als een hoofdberoep
  • student-zelfstandigen, die evenveel betalen als een hoofdberoep
  • meewerkende echtgenoten maxi-statuut
  • gepensioneerde zelfstandigen

Uitzonderlijk kunnen ook starters die nog geen 4 kwartalen actief zijn vrijstelling vragen.

Tijdens de coronacrisis wordt de aanvraagprocedure vereenvoudigd voor de volgende bijdragen :

  • de voorlopige sociale bijdragen van 2021/1 en 2021/2
  • de eindafrekening over 2018 en 2019, die vervalt tussen 30 juni 2020 en 30 juni 2021

De aanvraagtermijn voor de vrijstelling is één jaar. Zo kan je bv. vrijstelling vragen voor de bijdragen van 2021/1 tot en met 31 maart 2022. Je kan echter geen vrijstelling vragen voor toekomstige kwartalen. Dat betekent concreet het volgende :

  • voor 2021/1 kan je je aanvraag indienen vanaf 1 januari 2021
  • voor 2021/2 kan je pas een aanvraag doen vanaf 1 april 2021

Wil je vrijstelling voor beide kwartalen, wacht dan best tot het tweede kwartaal om je aanvraag te doen. Zo kan je beide kwartalen in één keer aanvragen.

Voor de vrijgestelde kwartalen, blijf je in orde met je kinderbijslag en ziekteverzekering. Maar je verliest wel je pensioenrechten voor deze kwartalen. Om je pensioenrechten toch te behouden, heb je wel de mogelijkheid om de vrijgestelde kwartalen nog te betalen binnen een termijn van 5 jaar.

Hoe vraag je deze vrijstelling aan? De snelste en eenvoudigste manier om een vrijstelling aan te vragen is rechtstreeks via de portaalsite van het RSVZ. Je kan dit doen door op onderstaande knop te klikken:

Als dit niet lukt, kan je nog kiezen voor een papieren aanvraag. Gebruik in dat geval dit aanvraagformulier. Wil je vrijstelling vragen, maar ben je ondertussen volledig gestopt met je zelfstandige activiteit? Gebruik in dat geval dit aanvraagformulier.

Tip: Ga je voor de papieren versie? Teken het document dan zelf: het RSVZ aanvaardt immers geen aanvragen die door boekhouders ondertekend zijn. Verstuur het via aangetekende zending of lever het af in je Acerta-kantoor. Hou er rekening mee dat het beslissen van de vrijstelling via de papieren versie langer duurt.

Regionale economische steunmaatregelen

Vlaanderen

Vlaams beschermingsmechanisme (7)

Het Vlaams Beschermingsmechanisme wordt de komende maanden verder gezet. Om hiervoor in aanmerking te komen, moet je voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Behoren tot de doelgroep. Deze komt overeen met deze van de eerdere premies.
    Lees meer bij “Komt mijn onderneming in aanmerking voor de subsidie?”
     
  • Een omzetdaling van minstens 60% hebben door exploitatiebeperkingen of een sluitingsmaatregel omwille van corona. Deze omzetdaling wordt vergeleken met eenzelfde periode in 2019. De regels om deze omzetdaling aan te tonen zijn dezelfde als deze voor de eerdere premies. 

    Ben je verplicht gesloten en vraag je enkel steun voor deze verplichte sluitingsperiode, moet je bij je aanvraag normaal gezien geen omzetdaling aantonen. Baat je een eetgelegenheid uit die in de referentieperiode 50% of meer van de omzet uit take-away haalde, moet je dat echter wel.

    Een onderneming die zowel toegestane als gesloten activiteiten of vestigingen heeft, wordt als verplicht gesloten beschouwd wanneer de gesloten hoofdactiviteit normaal gezien meer dan 50% van de omzet genereert.

    Baat je als hoofdactiviteit een niet-essentiële handelszaak uit, moet voor de maand april geen rekening worden gehouden met de omzet uit de verkoop van vooraf bestelde goederen, die afgehaald of thuis geleverd worden.
  • Een vrijwillige sluiting komt niet in aanmerking. Tenzij je dus verplicht volledig gesloten bent of gesloten bent wegens jaarlijks verlof, moet je zaak of minstens de resterende deelactiviteit daarvan geopend zijn om van deze steun te kunnen genieten. Er is een uitzondering wanneer je besmet werd met het virus, of in quarantaine moet.

Het Vlaams beschermingsmechanisme wordt toegekend per maand. Je kiest één van de volgende referteperiodes:

  • De volledige maand
  • Een beperktere referteperiode op basis van de voor jouw onderneming in de betrokken maand effectief opgelegde sluitingsperiode;
  • De ondernemingen die 50% of meer van hun omzet halen uit de toelevering aan een gesloten sector kunnen ook kiezen voor de effectieve sluitingsperiode van deze sector in de betrokken maand.

 De steunbijdrage is als volgt:

  • 15% van de omzet, exclusief btw (geplafonneerd) tijdens dezelfde periode in 2020.voor de maand april (Vlaams beschermingsmechanisme 7)

Hieronder vind je de minimum – en maximumbedragen voor de maand april (Vlaams beschermingsmechanisme 7):

  • 11.250 euro voor ondernemingen zonder of met minder dan 10 werknemers;
  • 22.500 euro voor ondernemingen vanaf 10 tot 49 werknemers;
  • 60.000 euro voor ondernemingen met 50 werknemers of meer.
    De minimale steun bedraagt 900 euro per maand.  

Het aantal werknemers is gebaseerd op de personeelsklasse waartoe een onderneming behoort volgens de laatst beschikbare RSZ-personeelsklasse in de VKBO (2de kwartaal 2020).

Indien je kiest voor een kortere referteperiode gebaseerd op de periode van verplichte sluiting wordt het steunbedrag pro rata aangepast aan het aantal kalenderdagen van deze sluitingsperiode. Raadpleeg hier de lijst van verplicht gesloten sectoren met de toepasselijke minimum- en maximumbedragen voor de huidige steunperiode (Vlaams beschermingsmechanisme 7).

  • 5 % (halvering subsidie) voor zelfstandigen in bijberoep die in 2019 een netto belastbaar beroepsinkomen hebben tussen 6.996,89 euro en 13.993,78 euro en geen betrekking als loontrekkende uitoefenen die 80 % of meer bedraagt van een voltijdse betrekking;
  • Horecazaken die verplicht een geregistreerd kassasysteem voor btw-doeleinden moeten gebruiken, en zich niet aan deze verplichtingen houden, krijgen slechts een premie van maximaal 1.500 euro. 

Deze steun wordt toegekend op ondernemingsniveau, dus niet per vestigingseenheid.

Voor het Vlaams beschermingsmechanisme 7 dien je ten laatste op 15 juni een online aanvraag in bij Vlaio. Lees daar ook nog meer informatie. Ook voor de maanden mei tot en met juni 2021 wordt nog steun voorzien.

Globalisatiemechanisme

De globalisatiepremie is een bijkomende steunmaatregel voor  ondernemingen die tussen 1 april 2020 en 31 december 2020, ten opzichte van dezelfde periode in 2019 omwille van corona een omzetdaling van minstens 60% kenden én hierdoor in deze periode boekhoudkundig verlies hebben geleden.

De regels om deze omzetdaling aan te tonen zijn dezelfde als deze voor de eerdere premies.

Daarnaast is het vereist dat je:

  • een vennootschap, vereniging of stichting met rechtspersoonlijkheid van privaat recht en met een economische activiteit of een buitenlandse onderneming met vergelijkbaar statuut bent (deze premie is dus niet voor eenmanszaken),
  • op 30 september 2020 een actieve vestigingseenheid had in het Vlaams Gewest,
  • voor boekjaar 2019 en 2020 een jaarrekening neerleggen en in het tweede, derde en vierde kwartaal van 2019 een omzet uit geleverde prestaties had van minstens 450.000 euro, excl. BTW.

Bevind je je in deze situatie, dan kan je rekenen op een steunpercentage van maximum 10% van de omzet in dezelfde periode in 2019. Van dat bedrag moet je wel nog de al uitbetaalde premies (coronahinderpremie, coronacompensatiepremie en/of ondersteuningspremie en Vlaams Beschermingsmechanisme) aftrekken.

Ben je een kleine onderneming, houd er dan rekening mee dat het steunpercentage niet meer dan 90% van je niet gedekte vaste kosten(*) voor de periode van 1 april tot en met 31 december 2020 mag vertegenwoordigen. Voor middelgrote en grote ondernemingen gaat het om maximum 70% van deze kosten.

(*) Niet gedekte vaste kosten is  het verlies vóór aftrek van de belastingen, volgens code 9903 van je jaarrekening.

Er geldt bovendien een begrenzing op basis van het aantal werknemers en je effectieve omzetverlies.

Het maximale subsidiebedrag wordt op één van de volgende twee manieren berekend:

1. op basis van de verruimde tewerkstelling in de laatste 3 kwartalen van 2019 en je omzetdaling op basis van de volgende tabel:

Verruimde tewerkstelling Omzetdaling van 60% tot 69% Omzetdaling van 70% tot 89% Omzetdaling van 90% en meer
1-4 WN's 15 000 euro 30 000 euro 50 000 euro
5-19 WN's  25 000 euro 50 000 euro 100 000 euro
20-49 WN's 50 000 euro 100 000 euro 250 000 euro
50-199 WN's 250 000 euro 500 000 euro 1 000 000 euro
> 199 WN's 500 000 euro 1 000 000 euro 2 000 000 euro

2. op basis van de minimale RSZ-tewerkstelling in de 3 laatste kwartalen van 2019, de minimale omzet in de 3 laatste kwartalen van 2019  en de omzetdaling op basis van de volgende tabel

Minimale tewerkstelling Minimale omezet Omzetdaling 60% tot 69% Omzetdaling van 70% tot 89% Omzetdaling van 90% en meer
1WN 1 125 000 euro 25 000 euro 50 000 euro 100 000 euro
5 WN's 3 000 000 euro 50 000 euro 100 000 euro 250 000 euro
10 WN's 9 000 000 euro 250 000 euro 500 000 euro 1 000 000 euro
Vanaf 20 WN's 25 000 000 euro 500 000 euro 1 000 000 euro 2 000 000 euro

De RSZ-tewerkstelling wordt aangeleverd door de RSZ op basis van het gemiddeld aantal voltijds equivalente werknemers dat je tewerkstelde in het tweede, derde en vierde kwartaal van 2019. Ben je pas gestart vanaf het derde kwartaal van 2019 gaat het enkel om de kwartalen waarin je onderneming actief was. Er wordt rekening gehouden met de voltijdse en deeltijdse vaste tewerkstellingen, maar ook bijvoorbeeld met flexi-jobwerknemers, gelegenheidswerknemers en studentenarbeid waarop RSZ is verschuldigd. De verruimde tewerkstelling houdt daarnaast ook rekening met:2. op basis van de minimale RSZ-tewerkstelling in de 3 laatste kwartalen van 2019, de minimale omzet in de 3 laatste kwartalen van 2019  en de omzetdaling op basis van de volgende tabel

  • actief werkende vennoten (waarbij 1 VTE werkende vennoot in 2019 een netto-belastbaar beroepsinkomen van minstens 13.933,78 euro op jaarbasis heeft)
  • uitzendkrachten
  • jobstudenten waarvoor geen normale RSZ is verschuldigd
  • en in zekere mate ook met kosten voor tewerkstelling via zogenaamde dienstenleveranciers (onderaannemers, freelancers,..).

Deze steun wordt toegekend op ondernemingsniveau, dus niet per vestigingseenheid. Er is geen cumulatie mogelijk met andere steun voor dezelfde niet-gedekte vaste kosten.

Indien je hierop een beroep wil doen, moet je hiervoor ten laatste op 30 september een online aanvraag indienen bij Vlaio. Lees daar ook nog meer informatie.

Regionale economische steunmaatregelen

Brussel

Tetrapremie

De Tetrapremie is bedoeld voor ondernemingen uit de horecasector en de belangrijkste leveranciers ervan, de discotheken, de evenementen-, de cultuur-, de sport- en de toeristische sector. 

Behoor je tot deze sectoren, moet je voldoen aan de volgende voorwaarden om recht te hebben op de premie:

  • op 31 december 2020 ingeschreven zijn in het KBO met de betrokken NACE-code en minstens één actieve vestiging hebben in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  • niet in aanmerking komen voor de btw-vrijstelling voor kleine ondernemingen en;
  • voldoen aan de publicatieverplichtingen van je jaarrekening en sociale balans;
  • in 2019 een omzet hebben behaald van meer dan 25.000 euro (of 35.000 euro indien 2 vestigingen, 45.000 euro indien 3 vestigingen, 55 000 euro indien 4 vestigingen of 65.000 euro indien 5 vestigingen);

Afhankelijk van de sector kan je rekening houden met de volgende bedragen:

Indien je verplicht  gebruik moet maken van een geregistreerd kassasysteem,(‘witte kassa’) kom je enkel voor deze premie in aanmerking wanneer je dit effectief doet.

Eet- en drankgelegenheden en leveranciers (NACE-code)

Aantal VTE personeel

40% omzetverlies

(Q2020/4 tov Q2019/4)

60% omzetverlies

(Q2020/4 tov Q2019/4)

<5 7 500 euro 10 500 euro
5 tot minder dan 10 13 500 euro 16 500 euro
10 en meer 30 000 euro 54 000 euro

Evenementen, sport, cultuur en toeristische sector (NACE-code)

 
Aantal VTE personeel

40% omzetverlies

(Q2020/2-3-4 tov Q2019/2-3-4)

60% omzetverlies

(Q2020/2-3-4 tov Q2019/2-3-4)

<5  6 250 euro 8 750 euro
5 tot minder dan 10 11 250 euro 13 750 euro
10 en meer 25 000 euro 45 000 euro

Discotheken NACE-code 56.302

 
Aantal VTE personeel

40% omzetverlies

(Q2020/4 tov Q2019/4)

60% omzetverlies

(Q2020/4 tov Q2019/4)
<5 75 000 euro 81 250 euro
5 tot en met 10 87 500 euro 100 000 euro
10 en meer 112 500 euro 125 000 euro

Ben je gestart tijdens de referteperiode in 2019? Dan heb je de keuze tussen bovenstaande regeling of een forfaitair bedrag van:

  • 6.000 euro voor horeca en toeleveranciers;
  • 5.000 euro voor evenementen, cultuur, sport en toeristische sector;
  • 10.000 euro voor discotheken.

Dit laatste bedrag geldt ook wanneer je pas bent gestart in 2020.

De premies worden toegekend per vestigingseenheid, met een maximum van 5 vestigingseenheden per onderneming. Je krijgt uiteraard niet meer dan je werkelijke omzetverlies voor de volledige onderneming.

Voor het gemiddeld aantal voltijdsequivalenten (VTE’s), baseert de administratie zich op de sociale balans van 2019. Voor ondernemingen die hun sociale balans niet moeten publiceren of waarvan de publicatietermijn nog niet is verstreken, wordt het gemiddeld aantal voltijdsequivalenten.in 2019 bepaald op basis van een door het sociaal secretariaat afgeleverd attest.

Dien je aanvraag voor deze premie in vóór 19 mei via de online applicatie

De Tetrapremie voor de sector van de toeristische logies (hotels, gastenkamers en andere toeristische logies) werd op verzoek van de sector kort uitgesteld. Meer informatie volgt zo snel mogelijk.

Meer informatie vind je op de website van Brussel en bij Brussel Economie en Werkgelegenheid.

Regionale economische steunmaatregelen

Wallonië

Indemnité 11 -  hotelsector

Ben je een commerciële hoteluitbater (NACE-code 55.100 of erkend door CGT) met minstens 6 kamers per hotel en was je voor 18 maart 2021 al actief in Wallonië? Dan kom je mogelijk in aanmerking voor een premie van 1.000 euro per hotelkamer of logieseenheid waarvoor je over een vergunning beschikt.

Je kan deze premie nog tot en met 21 mei 2021 aanvragen via deze link. Bijkomende informatie vind je in de rubriek Indemnités en cours – Indemnité 11 – Secteur hôtelier.

Indemnité 12 – B to B (toeleveranciers van gesloten sectoren)

Ben je zelfstandige in hoofdberoep, micro-onderneming of KMO en was je voor 1 januari 2021 al actief in Wallonië als  of KMO-toeleverancier van een sector die verplicht moest sluitenondernemingen die minstens tot 1 februari 2021 verplicht moesten sluiten? Dan kom je mogelijk in aanmerking voor deze premie. Het gaat over de volgende verplicht gesloten sectoren:

  • horecabedrijven (PC 302) en andere eet- en drinkgelegenheden, met uitzondering van hotels, toeristische accommodatie en gemeenschappelijke keukens voor woon-, school-, leef- en werkgemeenschappen, die zijn uitgesloten omdat zij niet noodzakelijk voor het publiek gesloten zijn;
  • discotheken, danszalen en dergelijke;
  • ondernemingen die behoren tot de sector van de organisatie van beurzen en congressen;
  • bedrijven uit de amusementssector;
  •  bedrijven die tot de filmsector behoren;
  • kermisexploitanten;
  • casino's;
  • pretparken, dierentuinen, historische plaatsen en monumenten en musea;
  • ondernemingen die tot de sportsector behoren;
  • ondernemingen die behoren tot de sectoren kappers en schoonheidsverzorging;
  • wellness centra;
  • tattoo en piercing salons;
  • bedrijven in de culturele, feest-, sport-, recreatie- en evenementensector.

Om recht te hebben op deze premie, moet je omzet in 2019 voor minstens 20% zijn gekomen uit het leveren van goederen of diensten aan deze sectoren. Bovendien moet je een omzetverlies van minstens 50% kunnen aantonen in minstens één van de laatste drie kwartalen van 2020 ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2019, ofwel in het eerste kwartaal van 2021 ten opzichte van het eerste kwartaal van 2019.

De premie bedraagt maximum 15% van je omzet in de in aanmerking komende kwartalen van 2019. Het effectieve bedrag per kwartaal wordt geplafonneerd op basis van het aantal voltijds equivalente werknemers dat je tewerkstelt en de omzetdaling die je leed.

Aantal VTE Omzetverlies van 50-75% Omzetverlies > 75%
<1 5.000 euro 6.250 euro
1-9 10.000 euro 12.500 euro
10-49 20.000 euro 25.000 euro
50+ 40.000 euro 50.000 euro

De minimumbedragen zijn:

  • 3.000 euro bij omzetverlies tussen 50% en 75%
  • 3.750 euro bij omzetverlies vanaf 75%

Ben je opgestart in 2019, of 2020 en kan je daardoor nog  geen omzetverlies aantonen, geldt een bedrag van 3.000 euro voor elk volledig trimester vanaf 1 april 2020 met een maximum van 6.000 euro voor 2020 en 3.000 euro voor 2021. 

Deze premie kan nog niet worden aangevraagd. Bijkomende informatie vind je via deze link.

Opgelet, deze premie is niet cumuleerbaar met Indemnité 13.

Indemnité 13 – specifieke sectoren

Deze premie werd voorzien voor zelfstandigen in hoofdberoep, micro-ondernemingen en KMO’s die voor 1 januari 2021 al actief waren in Wallonië onder de volgende NACE-code:

  • 49 320 Taxivervoer
  • 74 109  Ontwerp van tentoonstellingsstanden;
  • 74 201  Fotografische activiteiten;
  • 74 209  Andere fotografische activiteiten;
  • 77 293  Verhuur en lease van tafelgerei, dekens, glaswerk, keukengerei, elektrische apparaten en huishoudelijke artikelen;
  • 77 294  Verhuur en leasing van textiel, kleding, juwelen en schoeisel;
  • 77 296  Verhuur en verpachting van bloemen en planten;
  • 77 392  Verhuur en leasing van tenten;
  • 79 110-79 120 - 79 901 - 79 909 Reisbureau, reisorganisator, reserveringsdienst en aanverwante activiteiten.

Om recht te hebben op deze premie, moet je een omzetverlies van minstens 50% kunnen aantonen in het eerste kwartaal van 2021 ten opzichte van dezelfde periode in 2019.

De premie bedraagt maximum 30 % van je omzet in het eerste kwartaal van 2019. Het effectieve bedrag wordt geplafonneerd op basis van het aantal voltijds equivalente werknemers dat je tewerkstelt en de omzetdaling die je leed.

Aantal VTE Omzetverlies van 50-75% Omzetverlies > 75%
<1 7 500 euro 9 375 euro
1-9 15 000 euro 18 750 euro
10 - 49 30 000 euro 37 500 euro
50+ 60 000 euro 75 000 euro

Het minimum is 3.000 euro. Bedrijven die pas werden opgestart in 2019 en 2020 krijgen een forfait van 4.500,00 euro. 

Vraag deze premie vanaf 19 mei 2021 aan via deze link. Lees daar ook nog meer informatie in de rubriek Indemnités futures – Indemnité 3 – Secteurs touchés indirectement.

Opgelet deze premie is niet cumuleerbaar met Indemnité 12 – B to B.

Indemnité 14 – Horeca

Je behoort tot de doelgroep van deze premie wanneer je zelfstandige, micro-onderneming  of KMO bent en vóór 5 maart 2021 al actief was in Wallonië onder één van de volgende NACE-codes:

  • 56.101 Volledige catering;
  • 56.102 Restaurants met beperkte dienstverlening;
  • 56.210 Traiteurdiensten
  • 56.301 Cafés en bars;
  • 56.302 Discotheken, dancings en dergelijke;
  • 56.309 Andere drinkgelegenheden.

Bovendien was je verplicht gesloten in maart en april 2021 en mag je in 2021 geen dividend uitkeren. 

De premie hangt af van het aantal werknemers dat je tewerkstelt:

Aantal VTE (*)  
0 4.000 euro
> 0 en < 5 6.500 euro
vanaf 5 en < 49 9.500 euro
10 en + 12.000 euro

(*) Het aantal werknemers wordt berekend op basis van de gemiddelde tewerkstelling in 2019. Bij opstart in 2020, op basis van de gemiddelde tewerkstelling in 2020.

Je kan deze premie nog tot en met 6 juni 2021 aanvragen via deze link. Bijkomende informatie vind je in de rubriek Indemnités en cours – Indemnité 14 – Horeca.

Indemnité 15 – Exploitanten van bussen

Deze premie is bedoeld voor zelfstandigen in hoofdberoep, micro-ondernemingen en KMO's die vóór 1 januari 2021 al gevestigd waren in Wallonië en actief zijn in één van de volgende NACE-codes: uit één van de volgende sectoren:

  • 49.310: Personenvervoer binnen steden en voorsteden;
  • 49.390: Overig personenvervoer te land.

Om recht te hebben op deze premie moet je kunnen aantonen dat je voertuig stilstond omwille van de coronamaatregelen.

Je hebt dan mogelijk recht op een premie van 5% van de aankoopwaarde (excl. BTW) van dit voertuig, met een maximum van 500.000 euro per onderneming. Hiervoor moet je wel een omzetdaling van minstens 50% kunnen aantonen in de laatste drie kwartalen van 2020 ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Het moet ook gaan om voertuigen die op 18 maart 2020 al eigendom waren van je bedrijf (huurkoop, huur en leasing tellen mee).

Deze premie kan nog niet worden aangevraagd. Bijkomende informatie vind je via deze link.

 

Indemnité 16 – Opnieuw gesloten sectoren of nog steeds geïmpacteerd

Deze premie is bedoeld voor zelfstandigen, micro-ondernemingen en KMO’s die voor 27 maart 2021 al gevestigd waren in Wallonië en actief zijn met één van de bedoelde NACE-codes (contactberoepen, niet-essentiële handelszaken, reissector of andere sectoren getroffen door een verlenging van de sluitingsmaatregelen).

Indien je voor deze premie in aanmerking wil komen, mag je in 2021 geen dividenden uitkeren.

Het bedrag van de premie hangt af van het aantal werknemers dat je in dienst had in 2019:

  • Indemnité 16A : verlenging van de sluitingsmaatregelen (ontspanning, sport, recreatieve activiteiten, cultuur,…)
0 >0 - 4 5 - 9 10 +
4.000 euro 6.500 euro 9.500 euro 12.000 euro
  • Indemnité 16B : sectoren die opnieuw moesten sluiten
0 >0 - 4 5 - 9 10 +
3.250 euro 5.500 euro 7.500 euro 9.750 euro

Je kan deze premie nog tot en met 11 juni 2021 aanvragen via deze link. Bijkomende informatie vind je in de rubriek Indemnités en cours – Indemnité 16 – Secteurs (re)fermé sou toujours impactés

Meer vind je op de website van Wallonië en bij Wallonie Emploi Formation