Vorige

6 op de 10 werkgevers bereid mobiliteitsbudget in te voeren

17 juli 2019
Leestijd: Later lezen?

Brussel, 17 juli 2019 – Er is wel degelijk animo voor het mobiliteitsbudget, tot die conclusie komt hr-dienstenbedrijf Acerta. Het baseert zich daarvoor op een recent onderzoek bij werkgevers in het voorjaar van 2019 en een onderzoek bij werknemers het voorbije jaar. Daaruit blijkt dat 60% van de werkgevers van plan is om het mobiliteitsbudget aan zijn personeel aan te bieden. Meer dan de helft van de werknemers is bereid de auto in te ruilen voor cash, een ecovriendelijke wagen of extra vakantie. Pittig detail: werkgevers schatten de kans dat hun werknemers de salariswagen ook effectief loslaten minder hoog in dan de werknemers zelf aangeven: amper 10% van de werkgevers gelooft dit.

60% werkgevers van plan het mobiliteitsbudget aan te bieden

Het mobiliteitsbudget creëert een wettelijk kader. Het is aan de werkgever om te bepalen of die het aanbiedt en/of aan de werknemer om ernaar te vragen of erop in te gaan. Werkgevers zijn blijkbaar het meest enthousiast over het mobiliteitsbudget voor die gevallen waar de wagen vereist is voor de job en dus het minst een pure salariswagen is. Maar ook in de gevallen waar de auto duidelijk een onderdeel van de verloningspolitiek is, acht 56% het mobiliteitsbudget nog altijd een relevant alternatief om aan te bieden.

Figuur 1: Acerta werkgeversbevraging 2019

Meer dan helft werknemers bereid auto te ruilen voor cash, kleinere eco-auto, extra vakantie

Al in 2018 vroeg Acerta werknemers met een salariswagen naar hun bereidheid om die salariswagen in te wisselen voor een kleinere wagen en wat voor hen dan de alternatieven waren. Wat bleek? Meer dan de helft van de werknemers met een salariswagen was daar niet strikt aan gehecht. Er waren wel degelijk alternatieven die hen konden bekoren. Een compensatie in geld scoorde goed (57%), maar een milieuvriendelijkere kleinere auto vonden velen (54%) ook een goede optie. En het onderwerp mobiliteit/verloning opentrekken naar extra vrije dagen zou 52% ook wel zien zitten.

Figuur 2: Acerta werknemersbevraging 2018

10% werkgevers schat dat meer dan helft werknemers mobiliteitsbudget overweegt

Toch schatten werkgevers de kans dat hun werknemers de salariswagen loslaten minder hoog in dan dat de werknemers zelf aangeven. De affiniteit voor een mobiliteitsbudget wordt als stijgend ingeschat - maar dat meer dan 50% van de werknemers geïnteresseerd zou kunnen zijn in het mobiliteitsbudget, dat gelooft nog altijd maar 10% van de werkgevers.

Figuur 3: Acerta werkgeversbevraging 2019

Mobiliteitsbudget in praktijk vraagt tijd

Dat 60% van de werkgevers van plan is het mobiliteitsbudget aan te bieden en dat ze schatten dat slechts een minderheid van de werknemers daarop zal ingaan, zegt wellicht meer over de praktische uitvoering dan over de intentie van het mobiliteitsbudget. De theorie blijkt gunstiger dan de praktijk.

Annelies Baelus, director Acerta Consult: “Houden wat je hebt, is het gemakkelijkste. Een evolutie weg van de salariswagen vraagt een inspanning van alle partijen: de werkgever moet het administratief rondkrijgen en werknemers moeten voor zichzelf uitzoeken hoe ze hun mobiliteit regelen. Dat wordt wikken en wegen en dat vraagt motivatie en tijd. We weten dat er drempels zijn omdat het niet altijd duidelijk is voor de werkgever hoe te implementeren. Informeren en faciliteren is cruciaal. Daarom pleiten we ervoor om niet te snel conclusies te trekken over het effect van het mobiliteitsbudget en de sensibilisering rond het thema verloning-op-maat vol te houden.”

 

Over de cijfers

De gegevens komen van de tweejaarlijkse bevraging die Acerta door het onderzoeksbureau Indiville laat uitvoeren bij Belgische werkgevers, CEO’s en directieleden. Deze liep van maart tot april 2019. Aantal respondenten: op basis van een subset van 596 respondenten is een statistisch relevante steekproef uitgevoerd die de Belgische arbeidsmarkt weerspiegelt. Deze bevraging is de spiegelenquête van de andere tweejaarlijkse bevraging van Acerta bij 1.700 werknemers.

Deel dit artikel