Sociale verkiezingen voor OR en CPBW

Leestijd: Later lezen?

Het belang van het overkoepelende sociaal overleg tussen werkgevers en werknemers is groot in België. Binnen de ondernemingen zelf gebeurt dit via de ondernemingsraad – OR – en het comité voor preventie en bescherming op het werk: CPBW. Beide overlegoverganen worden om de vier jaar opnieuw samengesteld. Waarvoor wordt in 2020 precies gekozen en wie mag zich verkiesbaar stellen? Acerta licht toe.

Comité preventie en bescherming op het werk

Het comité voor preventie en bescherming op het werk is een overlegorgaan met als opdracht het bevorderen van het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk.  Elke technische bedrijfseenheid van een onderneming in de privésector – profit of non-profit – die gewoonlijk, gemiddeld 50 werknemers of meer tewerk stelt, dient om de vier jaar een nieuwe procedure op te starten om het comité voor preventie en bescherming op het werk te verkiezen.

Wat zijn de bevoegdheden van het CPBW?

Het overlegorgaan comité voor preventie en bescherming op het werk:

  • onderzoekt alle mogelijke middelen om het welzijn van de werknemers te bevorderen bij de uitvoering van hun werk
  • geeft voorafgaand advies
  • werkt voorstellen uit
  • draagt actief bij aan al wat ter verbetering ondernomen kan worden
  • bewaakt het globale preventieplan en het jaarlijkse actieplan opgesteld door de werkgever, zowel qua uitvoering, wijzigingen als resultaten

Voor een aantal beslissingen is het akkoord van het comité vereist.

In sommige ondernemingen van 50 tot 99 werknemers waar geen ondernemingsraad is, behoort het ontvangen van de financiële en economische bedrijfsinformatie ook tot de taken van het CPBW. Bovendien is het comité bevoegd om bepaalde sociale inlichtingen te ontvangen in ondernemingen zonder ondernemingsraad en zonder syndicale afvaardiging.

Wie zetelt in het CPBW?

Een comité voor preventie en bescherming op het werk is samengesteld uit:

  • het ondernemingshoofd
  • een of meerdere door hem of haar aangewezen gewone en plaatsvervangende werkgeversafgevaardigden
  • een zeker aantal gewone en plaatsvervangende afgevaardigden van het personeel. Het aantal plaatsvervangende leden hoort maximum gelijk te zijn aan dat van de effectieve leden.

Wie mag zich kandidaat stellen voor het CPBW?

Het comité voor preventie en bescherming op het werk wordt opgericht volgens de procedure van de sociale verkiezingen. Hierbij worden de personeelsafgevaardigden aangeduid die tot een van de volgende werknemerscategoriëen behoren.

1. Arbeiders en bedienden

2. Jeugdige werknemers: hebben de leeftijd van 25 jaar niet bereikt op de dag van de verkiezingen. Zij kunnen een aparte groep vormen als er minstens 25 jeugdige werknemers zijn op de dag van de verkiezingen die op dat ogenblik jonger zijn dan 25 jaar.

3. Kaderleden: de bedienden, met uitsluiting van het leidinggevende personeel, die in de onderneming een hogere functie uitoefenen die in het algemeen voorbehouden wordt aan de houder van een diploma van een bepaald niveau of aan iemand met een evenwaardige beroepservaring. Deze groep werknemers is zo heterogeen dat een soepele definitie hier op zijn plaats is, rekening houdend met de veranderlijke sociale en organisatorische realiteit in ondernemingen.

De kandidaten-arbeiders, kandidaten-bedienden en de kandidaten-jeugdige werknemers moeten behoren tot de technische bedrijfseenheid waarbinnen hun kandidatuur werd voorgedragen. Merk op: voor het comité voor preventie en bescherming op het werk is er geen aparte categorie voor de kaderleden. Zij zijn opgenomen in de categorie bedienden.

Wie mag zich kandidaat stellen voor het CPBW?

Om als afgevaardigde van het personeel verkiesbaar te zijn, moeten de werknemers aan de volgende voorwaarden voldoen op de dag van de verkiezingen:

  • Kandidaten moeten werknemers zijn die met een arbeids- of leerovereenkomst en gedurende een bepaalde periode tewerkgesteld zijn in de juridische entiteit waaronder de onderneming valt, of in de technische bedrijfseenheid die gevormd wordt door verscheidene juridische entiteiten.
  • Ze behoren tot de werknemerscategorie waarvoor ze hun kandidatuur indienen: werklieden, bedienden of jeugdige werknemers.
  • Ze zijn ten minste 18 jaar en jonger dan 65 jaarKandidaten hebben zes maanden ononderbroken anciënniteit op de dag van de verkiezingen, of negen maanden in het voorafgaand burgerlijk jaar.

Voor de categorie jeugdige werknemers gelden twee bijkomende voorwaarden. Zij mogen zich kandidaat stellen als je onderneming op de dag van de verkiezingen ten minste 25 werknemers tewerkstelt en zij zelf op de kiesdag minstens 16 en jonger dan 25 jaar zijn.

Preventieadviseurs en vertrouwenspersonen van het bedrijf, die deel uitmaken van het personeel, mogen noch werkgeversafgevaardigde noch werknemersvertegenwoordiger worden.

Aantal kandidaten

Op de lijsten mogen niet meer kandidaten voorkomen dan er gewone en plaatsvervangende mandaten toegekend kunnen worden.

Voor elke neergelegde kandidatenlijst geldt volgend voorbeeld: voor de categorie van de bedienden, is het aantal vrouwen en mannen best evenredig met het aantal bedienden en de bedienden tewerkgesteld in de betrokken technische bedrijfseenheid. Zo streeft men op de kandidatenlijsten ook de evenredige vertegenwoordiging na van de in de onderneming tewerkgestelde buitenlandse werknemers.

Eenzelfde kandidaat mag niet op meer dan één kandidatenlijst worden voorgedragen.

Niet genoeg kandidaten?

Als er in de onderneming geen CPBW opgericht wordt omdat er niet voldoende kandidaten waren, neemt de vakbondsafvaardiging de taken van de personeelsvertegenwoordigers in het CPBW over.

Ondernemingsraad

De ondernemingsraad is een paritair orgaan waarin de werkgever de werknemersvertegenwoordigers informeert en raadpleegt. Het is een overlegorgaan. Het ondernemingshoofd neemt de eindbeslissingen, maar een dialoog moet steeds mogelijk zijn.

Elke technische bedrijfseenheid van een onderneming in de privésector – profit of non-profit – die gewoonlijk 100 werknemers of meer tewerk stelt, dient een ondernemingsraad te installeren. De ondernemingsraad moet om de vier jaar hernieuwd worden in elke onderneming die gemiddeld, gewoonlijk tenminste 50 werknemers in dienst heeft.

De taken en bevoegdheden van de ondernemingsraad

De ondernemingsraad heeft verschillende taken:

  • economische, financiële en sociale informatie van de werkgever ontvangen
  • adviseren in bepaalde kwesties
  • controle uitoefenen op de naleving van de sociale wetgeving voor de bescherming van de werknemers
  • beperkt mee beslissen, bijvoorbeeld over wijzigingen aan het arbeidsreglement of over vervangingsdagen voor feestdagen

De personeelsvertegenwoordigers dienen ook de werknemers te informeren:

  • in verband met de economische en financiële informatie ontvangen van de werkgever
  • over de activiteiten van de ondernemingsraad in het kader van de nodige voorzieningen en tijd waarover de effectief verkozenen beschikken

Tegelijk moet iedere personeelsvertegenwoordiger erover waken discreet genoeg te blijven, zodat de belangen van de onderneming niet geschaad worden. In geen geval neemt de ondernemingsraad de plaats van de werkgever in bij het beheer van de onderneming.

Wie zetelt in de OR?

De ondernemingsraad is samengesteld uit het ondernemingshoofd en de door hem of haar aangeduide werkgeversafgevaardigden, dit zijn personen die een leidinggevende functie vervullen. Het andere luik van het overlegorgaan bestaat uit verkozen werknemersafgevaardigden. Eén van hen zal ook instaan voor het secretariaat van de ondernemingsraad.

Wie mag zich kandidaat stellen voor de OR?

De ondernemingsraad wordt opgericht of hernieuwd volgens de procedure van de sociale verkiezingen. Hierbij worden de personeelsafgevaardigden aangeduid. De kandidaat-personeelsafgevaardigden behoren tot de de technische bedrijfseenheid waarbinnen hun kandidatuur werd voorgedragen. En ze maken deel uit van een van de volgende vier werknemerscategoriën: 

  • arbeiders
  • bedienden
  • jeugdige werknemers: hebben de leeftijd van 25 jaar niet bereikt op de dag van de verkiezingen.
  • kaderleden: de bedienden, met uitsluiting van het leidinggevende personeel, die in de onderneming een hogere functie uitoefenen. Die functie is in het algemeen voorbehouden aan de houder van een diploma van een bepaald niveau of aan iemand met een evenwaardige beroepservaring.

Om als afgevaardigde van het personeel verkiesbaar te zijn, moeten de werknemers op de dag van de verkiezingen aan de dezelfde voorwaarden voldoen als die voor het comité preventie en bescherming op het werk - zoals hier hoger beschreven.

Aantal kandidaten

Op de lijsten mogen niet meer kandidaten voorkomen dan er gewone en plaatsvervangende mandaten toegekend kunnen worden.

Voor elke neergelegde kandidatenlijst geldt volgend voorbeeld: voor de categorie van de bedienden, is het aantal vrouwen en mannen best evenredig met het aantal bedienden en de bedienden tewerkgesteld in de betrokken technische bedrijfseenheid. Zo streeft men op de kandidatenlijsten ook de evenredige vertegenwoordiging na van de in de onderneming tewerkgestelde buitenlandse werknemers.

Eenzelfde kandidaat mag niet op meer dan één kandidatenlijst worden voorgedragen. 

Je e-gids sociale verkiezingen 2020

Acerta verzamelde de zes meest gestelde vragen in een handige en heldere gids. Zo ontdek je het hoe, wat en waarom van sociale verkiezingen en ga je tijdig en goed voorbereid de stembusgang tegemoet.

Initiatie sociale verkiezingen 2020

Weten waarmee je rekening moet houden bij je eerste sociale verkiezingen? Een leidraad krijgen om de voorbereiding vlekkeloos en volgens het boekje te laten verlopen? Volg onze open opleiding sociale verkiezingen. Of vraag naar een training in je bedrijf.