Vorige

Belg gaat op 62 jaar met pensioen

09 mei 2019
Leestijd: Later lezen?

Slechts 0,2 % arbeidscontracten in 2018 beëindigd voor pensioen

Brussel, 9 mei 2019 – In 2018 verloor de Belgische arbeidsmarkt 0,2 % werknemers met een contract van onbepaalde duur omdat ze met pensioen gingen. 0,17 % van die werknemers bereikte de wettelijke pensioenleeftijd, 0,02 % ging met vervroegd pensioen en een heel laag percentage - 0,05 % van de werknemers - ging met SWT. Een positieve evolutie, want uit de cijfers van hr-dienstverlener Acerta blijkt dat we met z’n allen jaar na jaar langer actief zijn op de arbeidsmarkt. De gemiddelde reële pensioenleeftijd van werknemers in de private sector met een contract van onbepaalde duur bedraagt in België vandaag 62 jaar. Dat is een stijging met 2,5 % sinds 2010.

Arbeidsmarkt verloor in 2018 0,2 % Belgen aan pensioen

In 2018 werd 3,65 % van de contracten van onbepaalde duur beëindigd. De meeste van deze werknemers verdwijnen niet van de arbeidsmarkt; zij zetten elders hun loopbaan verder. Ze vertrekken op initiatief van hun werkgever (0,59 %), van de werknemer (1,39 %) of in wederzijds akkoord (1,09 %).
Maar wie de arbeidsmarkt niet meer ziet terugkeren, zijn zij die met pensioen gaan, al dan niet vervroegd. Dat blijken er wel niet zo veel te zijn: in 2018 was dat nog geen 0,2 % (0,17 % + 0,02 % vervroegd). Dirk Wijns, Director Acerta Consult: “Het aandeel werknemers dat vanuit activiteit via pensioen (wettelijk of vervroegd) van de arbeidsmarkt verdwijnt, is echt heel klein. Het is dus zeker niet aan het pensioen dat onze arbeidsmarkt zijn actieven verliest.”

Aandeel beëindigingen contracten onbepaalde duur evolutie 2010-2018_acerta

Tabel 1: Beëindigingen arbeidscontracten onbepaalde duur t.o.v. totaal actieve populatie

SWT, moeten we het daar wel nog over hebben?

In 2018 ging 0,05 % van alle werknemers met SWT (Stelsel van Werkloosheid met bedrijfsToeslag), een daling met 64,6 % tegenover 2010 toen SWT ook al maar 0,14 % noteerde. Indien we alle ontslagredenen samen op 100 % plaatsen, is SWT goed voor 1,39 % van alle uitdiensttredingen.   Dirk Wijns, Director Acerta Consult: “Elk voortijdig vertrek uit de arbeidsmarkt kan best vermeden worden.   Maar SWT als reden voor vertrek heeft vandaag nog slechts een zeer beperkte impact. Met de verstrenging van de voorwaarden voor toegang tot SWT in 2015 zien we dat almaar minder werknemers toegang krijgen tot het stelsel. De discussie hierover, in het kader van de onderhandelingen over een interprofessioneel akkoord, is dan ook eerder als ideologisch te bestempelen, dan dat ze een belangrijke impact heeft op de beschikbaarheid van oudere werknemers voor de arbeidsmarkt.”

In theorie zijn de SWT’ers zelfs niet verloren voor de arbeidsmarkt, zij kunnen eigenlijk nog opnieuw aan het werk. Belangrijker zijn vandaag de discussies over het feit dat werknemers de arbeidsmarkt verlaten om medische redenen. Daar ligt immers de echte uitdaging: de leeftijd waarop het contract van werknemers in de private sector een einde neemt wegens overmacht bedraagt in 2018 gemiddeld 44,6 jaar. Als deze werknemers niet meer ingezet kunnen worden in een andere job, betekent dit dat ze na amper een halve carrière reeds beroepsinactief worden.”

De gemiddelde reële pensioenleeftijd is 62 jaar
Evolutie gemiddelde pensioensleeftijd_acerta

Tabel 2: Evolutie gemiddelde pensioenleeftijd, de cijfers

De cijfers van hr-dienstverlener Acerta tonen duidelijk aan dat we langer werken. De gemiddelde reële pensioenleeftijd van werkenden in België stijgt jaar na jaar, tussen 2010 en 2018 voor alle pensioenstelsels samen met 2,5 %. Wie met vervroegd pensioen ging, was in 2018 gemiddeld 61,5 jaar oud: wie met pensioen ging, was gemiddeld 63,3 jaar en wie in 2018 onder het SWT viel, was gemiddeld 61 jaar.

Gemiddelde leeftijd bij loopbaaneinde_acerta

Tabel 3: Evolutie gemiddelde pensioenleeftijd bij uitstap uit actieve beroepsloopbaan

De werkgever steeds minder aan zet

Bekijken we de beëindigde contracten apart en daarvan de redenen van beëindiging, dan zien we dat de werkgever steeds minder het initiatief neemt. In minder dan 1 situatie op 5 is het de werkgever die eenzijdig beslist om de arbeidsovereenkomst te beëindigen.  In 38 % van de beëindigingen is de beëindiging zelfs een één-partijbeslissing van de werknemer. En uiteraard heeft die ook in wederzijds akkoord en (vervroegd) pensioen de beslissende stem.

Evolutie reden beëindiging arbeidsovereenkomst onbepaalde duur_acerta

Tabel 4: Van de beëindigde contracten onbepaalde duur, verhouding verschillende redenen beëindiging

Dirk Wijns: “Het betreft een constante over alle beschouwde jaren: meestal ligt het initiatief tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij de werknemer. In jaren dat de economie minder goed floreert, klinkt de stem van de werkgever iets  luider, maar ook dan is het vooral de werknemer die beslist de samenwerking te beëindigen. Het is vooral sinds 2014 dat het werkgeversinitiatief verder is afgenomen en dat verhoudingsgewijs de werknemer nog meer beslist om de samenwerking te beëindigen.”

3,2 % van contractbeëindigingen omwille van medische redenen

Wie een volledige loopbaan actief was en met pensioen gaat, heeft dat ook verdiend; SWT kunnen we klasseren als een eindig verhaal en het klopt dat meer mensen kiezen voor vervroegd pensioen, maar 0,5 % blijft een laag percentage. Dan is het zinvoller te kijken naar het percentage van mensen die de arbeidsmarkt verliest omwille van medische redenen.

Dirk Wijns: “3,2 % en stijgend, dat is het percentage contractbeëindigingen omwille van medische redenen en dat moet wél een zorg zijn. In dit cijfer zijn natuurlijk de werknemers die langdurig arbeidsongeschikt worden, op invaliditeit terechtkomen, maar wel nog op de payroll van de werkgever blijven, nog niet inbegrepen. Fysieke en geestelijke gezondheid zijn belangrijk voor een gezonde arbeidsmarkt en bij uitbreiding voor een gezonde samenleving. Werk daadwerkelijk wendbaar en werkbaar maken en houden, kan helpen om medische issues te voorkomen en uitval te vermijden. Eén van de belangrijkste maatregelen die je als onderneming kan nemen om dat te bereiken is er voortdurend voor gaan om taken zo dicht mogelijk te laten aansluiten bij het talent van je medewerkers en hen hierop uit te dagen. Niet één keer, maar telkens weer – rematching noemen we dat. We moeten zoveel mogelijk vermijden dat mensen in een dood spoor vast geraken en daar nooit meer uitkomen. Op deze manier gaat er vandaag immers nog te veel talent verloren.”

De gemiddelde leeftijd van mensen wiens arbeidsovereenkomst een einde neemt omwille van medische redenen was in 2018 44,6 jaar.

Over de cijfers

De verzamelde gegevens zijn gebaseerd op de werkelijke gegevens van werknemers in dienst bij meer dan 32.000 werkgevers uit de private sector, waartoe zowel kmo’s als grote ondernemingen behoren.

Deel dit artikel