Groen licht voor de flexi-jobs

03 oktober 2017

Sinds december 2015 is het in de horeca mogelijk om bij te werken aan een voordelig tarief. Voor zowel werkgever als werknemer. Deze speciale vorm van tewerkstelling, de flexi-jobs, kan op heel wat tegenstand rekenen van de vakbonden. Ze waren er zo fel tegen gekant dat ze zelfs naar het Grondwettelijk Hof trokken om de wet van 16 november 2015 te laten vernietigen. Het Hof besliste in haar arrest van 28 september echter dat de regeling helemaal niet indruist tegen het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel. Er is geen discriminatie ten overstaan van de ‘gewone’ horeca-werknemers. De regels inzake de flexi-jobs bieden voldoende waarborgen voor de werknemers en de verschillen die er toch zijn, zijn redelijk verantwoord volgens het Hof.

De verwerping van het beroep is goed nieuws voor de regering, want zij heeft in het zomerakkoord besloten om deze regeling nog meer open te trekken. Vanaf 2018 kunnen ook gepensioneerden aan de slag in een flexi-job. En het zal niet alleen de horeca zijn die van het systeem kan genieten. Ook de kleinhandel en de kappers kunnen dan voordelig extra mankrachten inschakelen.

Flexi-jobs voor gepensioneerden

Heel wat gepensioneerden willen nog wat werken om zo de tijd te verdrijven of een extra inkomen te verwerven. Het is al enkele jaren mogelijk om onbeperkt bij te verdienen eens je de 65 voorbij bent of een loopbaan van 45 jaar achter de rug hebt. Op die gewerkte uren moeten uiteraard wel sociale zekerheidsbijdragen te worden betaald. Vanaf 2018 zullen ook voordeliger uren gepresteerd kunnen worden, in de vorm van een flexi-job. Zo’n flexi-job zal mogelijk zijn voor al wie de leeftijd van 65 bereikt heeft op het einde van het kwartaal van tewerkstelling.

Flexi-jobs in de (klein)handel en voor de kappers

Naast de horeca zijn er nog andere sectoren die nood hebben aan bijkomende flexibele arbeidskrachten. De sectoren die de mogelijkheid zullen krijgen vanaf 2018 zijn:

  • PSC 118.03 voor de bakkerijen
  • PC 119 en PC 202 voor de handel in voedingswaren
  • PC 201 voor de zelfstandige kleinhandel
  • PSC 202.01 voor de middelgrote levensmiddelenbedrijven
  • PC 311 voor de grote kleinhandelszaken
  • PC 312 voor de warenhuizen
  • PC 314 voor de kappers

Spelregels

De overige principes inzake het flexiloon en het afsluiten van een raamovereenkomst blijven ongewijzigd, wat beide uitbreidingen betreft. Het minimum flexi-loon bedraagt momenteel 9,88 euro. De werknemer zelf betaalt er noch sociale zekerheidsbijdragen, noch bedrijfsvoorheffing op. De werkgever betaalt een forfaitair RSZ-tarief van 25 procent.

Voor wie nog niet gepensioneerd is en aan de slag wil, blijft de voorwaarde dat er in T-3 minstens 80 procent gewerkt werd. En je mag bij dezelfde werkgever niet tewerkgesteld zijn met een andere arbeidsovereenkomst voor prestaties van 80 procent of meer. Wie in 2018 wil werken als flexi-jobwerknemer zal dus in het tweede kwartaal van 2017 zo’n 4/5 tewerkstelling moeten hebben gehad. 

Bron:
Arrest Grondwettelijk Hof (2017-107) van 28 september 2017, www.const-court.be

Deel dit juridisch nieuws en updates
Terug naar overzicht juridisch nieuws en updates