Aftrekbare beroepskosten

Leestijd: Later lezen?

De naam zegt het al: beroepskosten zijn uitgaven die verband houden met je beroep. Over de aftrekbare kosten van zelfstandigen doen wilde verhalen de ronde. Maar om kosten te kunnen in mindering te brengen bij je belastingaangifte moeten ze:

  • verband houden met je beroep;
  • noodzakelijk zijn om je bedrijf te draaiende te houden;
  • bewezen worden met facturen, btw-bonnen …;
  • gemaakt of gedragen zijn in het jaar waarin je inkomsten verwerft.

Zuivere privékosten vallen dus uit de boot. Gemengde uitgaven die voor professioneel én privégebruik zijn, komen slechts gedeeltelijk in aanmerking.

Volledig aftrekbare beroepskosten

Sommige beroepskosten zijn integraal aftrekbaar. Dat betekent dat het totale bedrag ervan wordt afgetrokken van je omzet. Wat er nadien overblijft, is je netto-inkomen waarop je belastingen betaalt. In die zin heb je er dus baat bij om je beroepskosten niet over het hoofd te zien. Want hoe méér kosten je aftrekt, hoe lager je belastbaar inkomen.

Typische voorbeelden van volledig aftrekbare beroepskosten zijn huisvestingskosten: van huur en hypothecaire interesten tot verwarming en elektriciteit. Ook je telefoon- en portkosten, bureau- en kantoorbenodigdheden, boekhoudkosten, sociale bijdragen en VAPZ vallen onder deze categorie.

Deels aftrekbare beroepskosten

Veel beroepskosten mag je maar gedeeltelijk aftrekken. Hoeveel dat percentage bedraagt, hangt af van het soort kosten. Zo zijn restaurantkosten voor 69% aftrekbaar, relatiegeschenken voor 50% en brandstof voor 75%.

Ook je bedrijfswagen is gedeeltelijk aftrekbaar. Bij eenmanszaken is dat voor 75%, bij vennootschappen tussen de 50 en de 100% afhankelijk van de CO2-uitstoot. De elektrische wagen is een buitenbeentje: die mag je voor liefst 120% aftrekken. Verplaatsingen van en naar het werk zijn dan weer forfaitair aftrekbaar aan 0,15 euro per kilometer.

Afschrijving beroepskosten

Voor grote investeringen die jarenlang meegaan, zoals een auto of een computer, geldt een gedeeltelijk afschrijvingspercentage per jaar. Een auto wordt doorgaans op vijf jaar afgeschreven, zodat je dus jaarlijks 20% van de beroepskost inbrengt. Voor een laptop of smartphone past men een percentage van 33% per jaar toe, voor een kantoorgebouw 3%.

Forfaitaire aftrek vrij beroep

Vrije beroepers kunnen kiezen voor een forfaitaire aftrek van beroepskosten. Dat bedrag wordt bepaald op basis van je omzet min je sociale bijdragen. Hoe hoger je omzet, hoe hoger het percentage. Het grote voordeel van dit systeem? Je moet niet met bewijzen aandraven. Geen gedoe dus met bonnetjes. Er is wel een keerzijde: het forfait ligt vaak lager dan je werkelijke beroepskosten zodat je uiteindelijk toch beter voor de papiermolen kiest.

In de tabel hieronder vind je de percentages die men op de forfaitaire aftrek toepast:

Bruto-inkomsten Percentage
Tot 5 710 euro 28,70% (maximaal 1 638,77 euro)
Van 5 710 tot 11 340 euro 10% (maximaal 563 euro)
Van 11 340 tot 18 880 euro 5% (maximaal 377 euro)
Van 18 880 tot 64 587,67 euro 3% (maximaal 1 371,23 euro)

Totaal maximum: 3950 euro

Forfaitaire aftrek bedrijfsleiders

Ook als bedrijfsleider kun je opteren voor een forfaitaire aftrek van 3%. Die wordt berekend op je volledige beroepsinkomen (alle vaste of veranderlijke bedragen die je ontvangt als vergoeding) met een maximum van 2 440 euro. Daarnaast mag je ook je sociale bijdragen en die voor je vrij aanvullend pensioen VAPZ aftrekken.