Moet jij noodgedwongen je zelfstandige activiteit stopzetten of onderbreken? Dan heb je in bepaalde gevallen recht op een overbruggingsrecht. Die vraag je aan bij je sociaal verzekeringsfonds.
Faillissement en financiële nood
Moet je omwille van moeilijkheden stoppen met je ondernemingsactiviteiten? Dan heb je recht op een overbruggingsuitkering, op voorwaarde dat je stopzetting of gedwongen onderbreking het gevolg is van:
-
Economische moeilijkheden: Je ontvangt een leefloon? Je kreeg een vrijstelling van bijdragen in het jaar voorafgaand aan de stopzetting? Of je inkomen in het jaar van stopzetting en het voorafgaande jaar overschrijdt de minimumdrempel niet? Al deze gevallen worden gerekend onder economische of financiële moeilijkheden.
-
Faillissement.
- Stopzetting van je zaak binnen de drie jaar na een collectieve schuldenregeling.
-
Gedwongen stopzetting: Bij gedwongen stopzetting of onderbreking van je activiteiten door een natuurramp, brand, allergie, beschadiging van professionele uitrustig of gebouwen waardoor deze niet meer bruikbaar zijn of een beslissing van een derde economische actor of een gebeurtenis die economische impact heeft.
Bijvoorbeeld : de coronacrisis. Dit is een gebeurtenis met een economische impact.
Voorwaarden overbruggingsrecht
Het overbruggingsrecht is geen traditionele verzekering, maar een sociaal recht voor zelfstandigen. Je hebt er recht op via je sociaal verzekeringsfonds. Dit zijn de voorwaarden:
- De aanvraag moet ingediend zijn binnen een termijn van twee kwartalen na het kwartaal van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking.
- Je moet verzekeringsplichtig geweest zijn als zelfstandige in hoofdberoep in het kwartaal van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking en in de drie kwartalen voordien.
- Je moet minstens vier kwartalen tijdens een referteperiode van zestien kwartalen voorafgaand aan het kwartaal volgend op dat van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking effectief betaald hebben.
- Je mag als gevolg van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking geen rechten meer hebben in de sociale zekerheid, je oefent geen beroepsactiviteit (loontrekkende, zelfstandig ...) meer uit vanaf de eerste werkdag die volgt op datum van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking.
- Je ontvangt geen vervangingsinkomen (werkloosheidsuitkering, pensioenuitkering, arbeidsongeschiktheidsuitkering ...) vanaf de eerste werkdag die volgt op datum van de (gedwongen) stopzetting of onderbreking.
- Je hebt je hoofdverblijfplaats in België.
- Je mag niet strafrechtelijk veroordeeld zijn.
- Je bezorgde de nodige bewijsstukken aan je sociaal verzekeringsfonds.
- Je voldoet aan de specifieke voorwaarden die gelden afhankelijk van de vorm van overbruggingsrecht waarvan je geniet. Deze voorwaarden moeten gedurende de ganse toegekende uitkeringsperiode vervuld zijn om het overbruggingsrecht te behouden. Je bent daarom wettelijk verplicht om elke wijziging in je beroeps- of gezinssituatie die het recht op deze uitkering beïnvloeden onmiddellijk mee te delen.
Heb jij een vennootschap en zet jij je activiteiten stop wegens lage inkomsten? Dan gelden er nog twee bijkomende voorwaarden om overbruggingsrecht te genieten:
- Je vennootschap moet een procedure tot ontbinding en vereffening hebben opgestart.
- Je vermogensvoordelen naar aanleiding van de ontbinding en vereffening mogen niet hoger zijn dan 28 085,14 euro. Let op: dit bedrag wijzigt ieder jaar, want is onderhevig aan de minimumdrempel van het hoofdberoep (het is namelijk het dubbele daarvan).
Bedrag overbruggingsuitkering
Het bedrag van je uitkering hangt af van de reden van de onderbreking en van het feit of je al dan niet personen ten laste hebt op je ziekenboekje.
Gedwongen stopzetting
Onderbreking |
Met minstens één persoon ten laste |
Zonder persoon ten laste |
28 dagen of meer |
1 614,10 euro |
1 291,69 euro |
21 - 27 dagen |
1 210,58 euro |
968,77 euro |
14 - 20 dagen |
807,05 euro |
645,85 euro |
7 – 13 dagen |
403,53 euro |
322,92 euro |
< 7 dagen |
0 euro |
0 euro |
Faillissement, collectieve schuldenregeling, economische moeilijkheden
- zonder persoon ten laste: 1 291,69 euro
- met minstens één persoon ten laste: 1 614,10 euro
Duur overbruggingsuitkering
De looptijd van je overbruggingsrecht is standaard maximaal twaalf maanden per gebeurtenis.
Je kan verschillende keren in je loopbaan als zelfstandige een beroep doen op het overbruggingsrecht, maar in totaal kan je slechts voor 12 maanden een uitkering krijgen. Deze maximumtermijn wordt opgetrokken tot maximaal 24 maanden, als je gedurende minstens 60 kwartalen (15 jaar) pensioenrechten als zelfstandige hebt opgebouwd. Opgelet: de beperking van 12 maanden per gebeurtenis blijft altijd gelden.
Bijzondere regeling voor economische moeilijkheden
Als je het overbruggingsrecht aanvraagt voor economische moeilijkheden, dan heb je niet altijd recht op een uitkering van maximum 12 maanden. Het aantal maanden uitkering hangt in dit geval af van de lengte van je loopbaan.
Aantal kwartalen opgebouwde pensioenrechten |
Aantal maanden uitkering |
0 tot 7 |
0 |
8 tot 19 |
3 |
20 tot 59 |
6 |
60 of meer |
12 |
Behoud sociale rechten
Tijdens de periode van de stopzetting krijg je niet enkel een uitkering, maar blijf je ook in orde met je ziekteverzekering gedurende maximum 4 kwartalen. Je krijgt dit voordeel enkel voor een onderbreking van een volledige kalendermaand.
Tijdelijke versoepeling coronacrisis
Tijdens de coronacrisis worden bepaalde voorwaarden van het klassiek overbruggingsrecht versoepeld voor gebeurtenissen tussen 1 april 2020 en 30 juni 2021.
- De cumul met een vervangingsinkomen wordt tijdelijk mogelijk, maar de som van beide uitkeringen wordt beperkt tot het bedrag van het overbruggingsrecht.
- Het behoud van de sociale rechten wordt tijdelijk uitgebreid tot het pensioenrecht vanaf het vierde kwartaal van 2020.
- Voor een starter volstaat het dat er 2 kwartalen bijdragen betaald zijn in plaats van 4. Een starter is iemand die maximum 12 kwartalen onderworpen is.
- Wanneer de tijdelijke onderbreking gevolgd wordt door een definitieve stopzetting, dan wordt het klassiek overbruggingsrecht toegekend vanaf de definitieve stopzetting. De uitkeringen voor de tijdelijke onderbreking worden hier niet van afgetrokken.
Voor feiten, die zich hebben voorgedaan tussen 1 april 2020 en 31 december 2020, wordt de aanvraagtermijn tijdelijk verlengd van 2 naar 4 kwartalen.