Vlaams Opleidingsverlof: uitvoeringsregeling officieel

25 maart 2019

Vanaf het schooljaar 2019-2020 voert de Vlaamse overheid de geplande hervorming van het betaald educatief verlof door. De uitvoeringsregeling is nu officieel. Als je onderneming in het Vlaams Gewest gevestigd is en je actief bent in de privésector, dan moet je van dan af rekening houden met de nieuwe regeling. Er komt een digitaal platform Vlaamse opleidingsincentives om het proces te ondersteunen.

Een overzicht van de nieuwe regels lees je hieronder.

Arbeidsmarkt- of loopbaangerichte opleiding

Je werknemer heeft vanaf september het recht om van het werk afwezig te zijn om een opleiding te volgen die arbeidsmarktgericht of loopbaangericht is.

Een arbeidsmarktgerichte opleiding moet aan volgende voorwaarden voldoen:

  • De opleiding leidt tot het verwerven van één van de volgende competenties:
    • basiscompetenties
    • beroepsspecifieke competenties
    • algemene arbeidsmarktcompetenties

Een ministerieel besluit, eveneens gepubliceerd, definieert elk van deze competenties.

  • Ze omvat per jaar minstens 32 contacturen of minstens 3 studiepunten, dan wel 32 lestijden in het volwassenenonderwijs. Voor een mentoropleiding geldt de voorwaarde niet. Examencontracten komen dan weer niet in aanmerking.
  • Ze wordt gegeven door een geregistreerde dienstverlener (d.i. geregistreerd voor de KMO-portefeuille of de regeling opleidingscheques).
  • En de opleiding wordt tot slot geregistreerd bij het departement volgens een nieuw uit te werken procedure. De regeling hiervoor dient nog verder te worden ingevuld.

Alle hiervoor in aanmerking komende opleidingen worden opgenomen in een opleidingsdatabank die deel uitmaakt van een nieuwe digitaal platform Vlaamse opleidingsincentives.

Daarnaast kan het verlof ook worden genoten voor loopbaangerichte opleidingen. Dit zijn opleidingen die voortvloeien uit een traject van loopbaanbegeleiding dat je werknemer doorlopen heeft en die opgenomen zijn in een persoonlijk ontwikkelingsplan.

Recht op maximaal 125 uur

Het verlof kan voor maximum 125 uur per jaar worden toegekend. Je bepaalt het juiste aantal uren in verhouding tot de contractuele tewerkstellingsbreuk van je werknemer. Hiervoor wordt gekeken naar de DmfA-gegevens van de maand september van het opleidingsjaar, op voorwaarde dat de tewerkstelling minstens 50% van een voltijdse tewerkstelling bedraagt. Heeft je werknemer in september nog geen contractuele tewerkstelling van minstens 50%, dan heeft hij toch recht op het opleidingsverlof in verhouding tot zijn tewerkstellingsbreuk in de DmfA van de maand waarin de eerste opleiding start, op voorwaarde dat de grens van 50% dan wel bereikt wordt.

Het Vlaams Opleidingsverlof kan niet gecumuleerd worden met een aanmoedigingspremie in het kader van een tijdskrediet met motief opleiding.

Wanneer afwezig?

Voor opleidingen die regelmatige aanwezigheid vereisen, kan je werknemer van het werk afwezig zijn gedurende de uren van werkelijke aanwezigheid tijdens de contacturen. Voor opleidingen die géén regelmatige aanwezigheid vereisten, kan je werknemer afwezig zijn gedurende een vast aantal uren dat afhankelijk is van het type traject of opleiding.

Je maakt met je werknemer afspraken over wanneer de uren kunnen worden opgenomen, rekening houdend met de collectieve planning die mogelijks in je onderneming bestaat. Uren opnemen kan ten vroegste daags voor de start van de opleiding en ten laatste 2 dagen na de laatste les of het laatste examen.

Nauwgezetheid

Je werknemer dient de opleiding die recht geeft op opleidingsverlof nauwgezet te volgen. Dat betekent dat hij per jaar niet meer dan 10% van de contacturen ongewettigd afwezig is en deelneemt aan de eindbeoordeling, zo er een is. Wanneer de arbeidsovereenkomst van je werknemer geschorst is in de zin van de Arbeidsovereenkomstenwet, dan is hij gewettigd afwezig. Dat is ook het geval wanneer er beroepsredenen voorliggen die jij als werkgever attesteert.

Als je werknemer deelneemt aan een opleiding die geen regelmatige aanwezigheid vereist, dan volgt hij de opleiding nauwgezet, wanneer hij deelneemt aan de eindbeoordeling.

Als de overheid vaststelt dat je werknemer de opleiding niet nauwgezet volgt en méér uren opneemt dan waar hij recht op had, dan vermindert de overheid het eerstvolgende recht op het maximum aantal opleidingsuren met 25%.

Opvolging

De werknemer en werkgever kunnen in het digitale platform Vlaamse opleidingsincentives het beschikbaar aantal uren opleidingsverlof per werknemer raadplegen en in de opleidingsdatabank nakijken of de opleiding die de werknemer wil volgen, recht geeft op het opleidingsverlof. Daartoe moet de opleidingsverstrekker de nodige gegevens rond aan- en afwezigheid ingeven.

Terugbetaling

Net als vroeger, kan je terugbetaling krijgen van de lonen en sociale bijdragen die je in het kader van het opleidingsverlof hebt betaald. Daartoe zal je de uren correct in de DmfA moeten registreren en zal je werknemer de voorwaarden moeten naleven (maximum aantal uren respecteren, nauwgezet volgen). De aanvraag tot terugbetaling gebeurt door aanmelding van de opleiding van de werknemer in het nieuwe digitale platform binnen de drie maanden na de start van de opleiding.

Als je werknemer een loopbaangerichte opleiding volgt, dan bezorgt hij het departement een attest van de loopbaanbegeleider waaruit blijkt dat in het persoonlijke ontwikkelingsplan van je werknemer de nood aan opleiding blijkt. Het attest vermeldt de opleiding die past in het kader van het persoonlijk ontwikkelingsplan en heeft een geldigheidsduur van zes jaar, vanaf het einde van de loopbaanbegeleiding.

Het vroegere forfaitaire bedrag voor de terugbetaling van 21,30 euro blijft behouden.

Bronnen:

Besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot uitvoering van afdeling 6 toekenning van betaald educatief verlof in het kader van voortdurende vorming van de werknemers van hoofdstuk IV van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen en tot wijziging van artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2013 betreffende de loopbaanbegeleiding, BS 4 maart 2019

Ministerieel besluit van 13 februari 2019 tot specificatie van competenties en vaststelling van een beoordelingssysteem, vermeld in artikel 2, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot uitvoering van afdeling 6 toekenning van betaald educatief verlof in het kader van voortdurende vorming van de werknemers van hoofdstuk IV van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen en tot wijziging van artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2013 betreffende de loopbaanbegeleiding, BS 4 maart 2019

Deel dit artikel
Terug naar overzicht juridisch nieuws en updates