Veelgestelde vragen

Vind hier een antwoord op de algemene meestgestelde vragen (FAQ) door zelfstandigen over het overbruggingsrecht en de coronamaatregelen.

Voor elke maand waarin je onder de verplichte sluitingsmaatregelen valt, kan je het crisis-overbruggingsrecht “gedwongen sluiting” krijgen. Voor oktober 2020 tot februari 2021 is er zelfs een dubbele uitkering voorzien.

Tijdens deze verplichte sluiting mag je geen andere activiteiten uitoefenen op de volgende uitzonderingen na:

  • Takeaway
  • Click&collect
  • Nachtwinkels

Mag je tijdens de sluiting van je zaak een loontrekkende activiteit opstarten?

Bijvoorbeeld : een kapster gaat tijdens de sluiting van haar zaak als loontrekkende werken in een woonzorgcentrum.

De uitoefening van een loontrekkende activiteit is op zich geen beletsel voor het (dubbele) overbruggingsrecht. Maar wanneer je hierdoor zelfstandige in bijberoep wordt, kan dit wel een impact hebben op het bedrag van je uitkering. 

Je kan je aanvraag enkel indienen door het online vereenvoudigd webformulier in te vullen. Dit wordt automatisch naar het juiste regionale kantoor gestuurd. De uitkering voor een bepaalde maand wordt betaald op de eerste woensdag van de volgende maand.

Voor het overbruggingsrecht uit 2020 is geen cumul mogelijk met een vervangingsinkomen voor zelfstandigen die de volledige uitkering krijgen.

Zelfstandigen die de halve uitkering krijgen, zoals bv. een bijberoep of een gepensioneerde, kunnen het overbruggingsrecht wel cumuleren met een vervangingsinkomen, maar beperkt tot 1 614,10 euro.

Vanaf 2021 is de cumul met een vervangingsinkomen toegelaten voor de pijlers omzetdaling, quarantaine en kinderopvang. De cumul wordt beperkt tot het bedrag van het overbruggingsrecht. In geval van overschrijding van dit bedrag wordt het overbruggingsrecht verminderd.

Voor de pijler “gedwongen stopzetting” blijft het cumulverbod nog gelden tot en met januari 2021. Vanaf februari geldt dezelfde regeling als voor de andere pijlers en wordt een beperkte cumul met een vervangingsinkomen mogelijk.

De FOD Financiën heeft hierover twee fiscale circulaires uitgevaardigd:    

Op 28 januari 2021 heeft de FOD Sociale Zekerheid eveneens een nota uitgevaardigd over de sociale behandeling van het overbruggingsrecht.

Winsten en baten

Crisis-overbruggingsrecht - luik gedwongen/vrijwillige onderbreking

Belastingheffing tegen het afzonderlijke tarief van 16,5%. In specifieke gevallen, wanneer de 4 * 4 regel van art. 171, 4°, b), WIB 92 wordt overschreden, moet de belastingplichtige een uitsplitsing maken tussen twee bedragen, waarvan één belastbaar is tegen het afzonderlijke tarief van 16,5% (behalve voor de gunstigere gezamenlijke belastingheffing) en het saldo tegen het gezamenlijke tarief (progressief aanslagtarief - GBI).

Voor deze uitkering wordt een fiscale fiche 281.50 opgemaakt.

Aangiftecodes :

Kwalificatie van de inkomsten

Afzonderlijk belastbaar deel

Gezamenlijk belastbaar deel

Winsten (vak XVII)

1605/2605

1610/2610

Baten (vak XVIII)

1655/2655

1661/2661

Heropstart-overbruggingsrecht

Voor zelfstandigen, die hun inkomsten aangeven als winsten of baten, wordt het heropstart-overbruggingsrecht op dezelfde manier belast als voor de bedrijfsleiders.

Bedrijfsleiders

Voor de bedrijfsleiders geldt dezelfde fiscale behandeling voor alle vormen van het overbruggingsrecht.

Voor deze categorie worden deze uitkeringen beschouwd als een vervangingsinkomen belastbaar tegen het progressieve tarief (GBI).

Voor deze uitkeringen wordt een fiscale fiche 281.18 opgemaakt.

Aangiftecodes

Deze bedragen moeten vermeld worden onder de aangiftecodes 1271/2271 (vak IV wedden, lonen, ....).

De meewerkende echtgenoten

Voor de meewerkende echtgenoten zijn de uitkeringen in het kader van de tijdelijke crisismaatregelen overbruggingsrecht, niet belastbaar. Ze moeten dus niet vermeld worden in de aangifte.

Dit geldt zowel voor het crisis- als voor het heropstart-overbruggingsrecht.

Sociale bijdragen

In tegenstelling tot eerdere standpunten heeft de minister van Zelfstandigen en KMO ondertussen beslist dat er geen sociale bijdragen verschuldigd zijn op de uitkeringen in het kader van het overbruggingsrecht.

Als je gezinslast hebt, dan krijg je een verhoogde uitkering.

Het begrip 'gezinslast' wordt begrepen als gezinslast in de ziekteverzekering. Je moet minstens één persoon, andere dan jezelf,  ten laste hebben bij je ziekenfonds (echtgeno(o)t(e), samenwonende, ouder, grootouder, kind, …).

Heb je enkel fiscaal iemand ten laste, dan kom je niet in aanmerking voor de hogere financiële uitkering.

We maken een onderscheid tussen de volgende situaties.

Alle activiteiten vallen onder de gedwongen sluitingsmaatregelen

Als alle activiteiten onder de gedwongen sluitingsmaatregelen vallen, is er recht op het (dubbele) crisis-overbruggingsrecht “gedwongen sluiting”. De activiteiten moeten volledig stopgezet worden. Enkel de volgende uitzonderingen zijn toegelaten:

  • Take-away
  • Click&collect
  • Nachtwinkels

Voorbeeld : een kapper heeft ook een schoonheidssalon. Beide zaken moeten verplicht sluiten, maar hij verkoopt nog online producten uit het kapsalon en schoonheidssalon. Er is recht op het (dubbele) overbruggingsrecht .

Alle activiteiten hangen af van een sector die gedwongen moet sluiten

Als alle activiteiten voor minstens 60% afhangen van een sector die gedwongen moet sluiten, dan is er recht op het crisis-overbruggingsrecht “gedwongen sluiting”.

Worden de activiteiten volledig stopgezet, dan is er recht op een (dubbele) uitkering. Worden de activiteiten slechts gedeeltelijk stopgezet, dan is er in 2020 recht op de enkele uitkering. Vanaf 2021 verdwijnt de enkele uitkering bij gedwongen stopzetting en kan in dit geval de pijler “omzetdaling 40%” aangevraagd worden.

Eén activiteit moet gedwongen sluiten en de andere niet

Als enkel de hoofdactiviteit onder de gedwongen sluitingsmaatregelen valt (of er voor minstens 60% van afhankelijk is) , dan  kan er voor 2020 recht zijn op het heropstart-overbruggingsrecht als alle voorwaarden vervuld zijn. Vanaf 2021 kan in dit geval een beroep gedaan worden op de pijler “omzetdaling 40%”.

Als enkel de nevenactiviteit onder de gedwongen sluitingsmaatregelen valt (of ervan afhankelijk is),  dan blijft voor 2020 enkel het klassiek overbruggingsrecht mogelijk.  Vanaf 2021 kan in dit geval eveneens een beroep gedaan worden op de pijler omzetdaling 40%.

Voorbeelden :

  • Een zaakvoerder van een sportcentrum (hoofdactiviteit) heeft ook een kine-praktijk (nevenactiviteit)Het sportcentrum is gesloten, maar de kine-praktijk blijft open. Heropstart-overbruggingsrecht (vanaf 2021 omzetdaling 40%) is mogelijk.
  • Een kinesist (nevenactiviteit) geeft ook fitnesslessen aan huis (hoofdactiviteit)Heropstart-overbruggingsrecht (vanaf 2021 omzetdaling 40%) is mogelijk.
  • Een kinesist (hoofdactiviteit) geeft ook yogalessen (nevenactiviteit). Voor 2020 eventueel recht op het klassiek overbruggingsrecht als hij alle activiteiten stopzet. Vanaf 2021 kan de pijler omzetdaling 40% aangevraagd worden.

De onderbreking van de activiteiten wordt individueel beoordeeld voor iedere zelfstandige afzonderlijk. Dit is ook zo in het kader van een vennootschap.

Als de activiteit van de vennootschap onder de verplichte sluitingsmaatregelen valt, dan heeft iedere zaakvoerder, bestuurder en werkende vennoot recht op het overbruggingsrecht ongeacht het aantal dagen sluiting.

Als de activiteit van de vennootschap niet onder de verplichte sluitingsmaatregelen valt, dan wordt de situatie voor iedere zelfstandige afzonderlijk bekeken.

Als zelfstandige in hoofdberoep heeft je eindafrekening over 2020 of 2021 geen enkel effect op je overbruggingsrecht. 

Voor zelfstandigen in bijberoep, artikel 37, studenten en gepensioneerden kan er wel een effect zijn.

  • Als je momenteel voldoet aan alle voorwaarden en je hebt het overbruggingsrecht voor één of meerdere maanden gekregen, dan zal je eindafrekening hier niets aan veranderen. Als bij je eindafrekening dus blijkt dat je teveel bijdragen betaald hebt in 2020 of 2021 en je krijgt je bijdragen (gedeeltelijk) terugbetaald, dan zal dit niet leiden tot een terugvordering van je overbruggingsrecht.
  • Als je vandaag geen recht hebt omdat je sociale bijdragen te laag liggen, kan er wel recht ontstaan bij de eindafrekening. Als op dat moment blijkt dat het inkomen van 2020 of 2021 toch hoog genoeg was voor het overbruggingsrecht, zullen wij de uitkeringen met terugwerkende kracht uitbetalen. Dit zal wellicht pas in de loop van 2022 of 2023 zijn, van zodra de fiscus ons het definitief inkomen van 2020 of 2021 meedeelt. Belangrijk is wel om nu al je aanvraag te doen, zodat de aanvraagtermijn niet verstreken is.

Als je in quarantaine moet omdat je ziek bent, kan je het overbruggingsrecht niet krijgen. Je moet in dat geval een uitkering aanvragen bij je ziekenfonds.

Ben je minstens 8 dagen ziek, dan heb je vanaf de 1ste dag ziekte recht op een uitkering van het ziekenfonds. Hiervoor moet je samen met je behandelende arts een getuigschrift van arbeidsongeschiktheid invullen. Dit document kan je bij je ziekenfonds verkrijgen.

Ben je langdurig ziek? Informeer dan bij je regionaal kantoor of je in aanmerking komt voor de gelijkstelling wegens ziekte. Tijdens deze gelijkgestelde periode hoef je dan geen sociale bijdragen meer te betalen. Als de sociale bijdragen wel verschuldigd blijven, kan je nog betalingsuitstel, vermindering of vrijstelling vragen. Tot slot ben je op het vlak van terugbetaling van gezondheidszorgen (zoals dokterskosten) op dezelfde manier verzekerd als een werknemer.

Meer veelgestelde vragen