Overbruggingsrecht gedwongen sluiting februari 2021

Zelfstandigen, helpers en meewerkende echtgenoten, die onder de gedwongen sluitingsmaatregelen vallen, kunnen ook in februari 2021 het dubbele overbruggingsrecht krijgen.

Voorwaarden

1. Volledige onderbreking van de activiteit

Het dubbele overbruggingsrecht wordt enkel verlengd voor de volgende zelfstandigen :

  • Zelfstandigen, die rechtstreeks onder de gedwongen sluitingsmaatregelen vallen en hun activiteit volledig moeten stopzetten. Enkel de volgende activiteiten blijven toegelaten : take away, click&collect, nachtwinkels.
  • Zelfstandigen, die hoofdzakelijk (minstens 60%) afhankelijk zijn van een verplicht gesloten sector en hun activiteit volledig onderbreken.

De afhankelijke zelfstandigen, die hun activiteit niet volledig onderbreken, krijgen de dubbele uitkering niet meer voor de maand februari. Zij kunnen wel een beroep doen op het crisis-overbruggingsrecht wegens aanzienlijke omzetdaling

2. Geen voorafgaande onderwerping of bijdrageplicht

Voor de dubbele uitkering wegens gedwongen sluiting gelden geen voorwaarden inzake voorafgaande verzekeringsplicht of bijdrageplicht. Ook starters komen dus in aanmerking voor deze maatregel.

3. Cumul met een vervangingsinkomen

Het overbruggingsrecht kan gecumuleerd worden met een vervangingsinkomen. Maar de som van beide uitkeringen wordt beperkt tot het bedrag van het overbruggingsrecht. Als het plafond overschreden wordt, wordt het overbruggingsrecht beperkt. Het cumulplafond wordt altijd op maandbasis bekeken, ook al slaan de uitkeringen niet op dezelfde dagen.

De cumul is mogelijk met de volgende vervangingsinkomsten : arbeidsongeschiktheid, invaliditeit of moederschap, werkloosheid, tijdskrediet, …

Bedrag van de uitkering

Het bedrag van de uitkering hangt af van de sociale bijdragen die je betaalt.

 

Met gezinslast

Zonder gezinslast

Hoofdberoep

3 228,20 euro

2 583,38 euro

Overige bijdragecategorieën

1 614,10 euro

1 291,69 euro

Je hebt gezinslast van zodra je minstens één persoon (andere dan jezelf) ten laste hebt op je ziekenboekje.

De uitkering voor een hoofdberoep geldt ook voor:

  • de meewerkende echtgenoten
  • zelfstandigen in bijberoep, artikel 37 en student-zelfstandigen, die evenveel bijdragen betalen als een hoofdberoep
  • zelfstandigen, die de wettelijke pensioenleeftijd bereikt hebben, maar nog geen pensioen opnemen.

De uitkering voor de “overige bijdragecategorieën geldt voor :

  • zelfstandigen in bijberoep en artikel 37 die een sociale bijdrage betalen tussen 370,82 euro en 741,63 euro per kwartaal
  • student-zelfstandigen, die een bijdrage betalen van minder dan 741,63 euro per kwartaal
  • gepensioneerden, die minstens 265,90 euro per kwartaal betalen
  • zelfstandigen, ouder dan 65 jaar zonder pensioen, die een bijdrage betalen tussen 370,82 euro en 741,63 euro per kwartaal

Voor de controle van het bedrag van de sociale bijdrage houden we rekening met de verplichte voorlopige bijdrage, berekend op het inkomen van 3 jaar geleden. Voor startende zelfstandigen kijken we naar de verplichte startersbijdrage.  Als je voorlopige bijdrage te laag is, dan kan je het overbruggingsrecht nu nog niet krijgen. Als je definitieve bijdrage wel hoog genoeg is, dan kunnen we je het overbruggingsrecht later nog uitbetalen. Dat kan echter pas op het moment dat we de eindafrekening over 2021 opmaken, wellicht in de loop van 2023. Verwacht je dat je definitieve bijdrage wel hoog genoeg zal zijn? Doe dan zeker tijdig je aanvraag.

De aanvraag

De aanvraag moet ten laatste ingediend worden op het einde van het tweede kwartaal volgend op de maand waarvoor je de aanvraag doet. Voor de uitkering van februari heb je nog tijd tot 30 september 2021.