Naar inhoud

Home Nieuws Denk aan de decemberafrekening…

Terug naar het overzicht

05-12-18 Denk aan de decemberafrekening…

Een bediende kan om verschillende redenen minder uren gaan werken. Door het opnemen van een deeltijds tijdskrediet bijvoorbeeld of gewoon door een daling van zijn overeengekomen arbeidsduur. Ongeacht de reden of de duur van de daling, zorgt elke daling ervoor dat de bediende minder vakantie kan opnemen. De vakantierechten opgebouwd tijdens het vakantiedienstjaar kunnen immers slechts opgenomen worden in het vakantiejaar als het arbeidsstelsel dat op het moment van opname toelaat. Het spreekt voor zich dat een bediende die door voltijds te werken 20 vakantiedagen heeft opgebouwd, die niet allemaal meer kan opnemen als hij halftijds gaat werken. Maar die rechten die hij niet meer kan uitoefenen door thuis te blijven is hij gelukkig niet kwijt, ze worden hem uitbetaald.

Hoe gaat dit concreet in zijn werk? We vertrekken van de brutojaarwedde van het vakantiedienstjaar (in dit geval dus 2017) en daar berekenen we tweemaal 7,67 procent op. Eén maal voor het enkel vakantiegeld en één maal voor het dubbel vakantiegeld. Toch zal u dit niet allemaal moeten uitbetalen, want de kans is zeer groot dat uw bediende al een groot aantal vakantiedagen heeft opgenomen en zijn dubbel vakantiegeld al heeft ontvangen. De bedragen die u tijdens het jaar al heeft uitbetaald aan enkel en dubbel vakantiegeld mag u van deze percentages aftrekken. 

We illustreren dit met een voorbeeld

Een bediende werkte heel 2017 voltijds (38/38 in een 5 dagenweek) en verdiende 2 000 euro per maand. Vanaf 1 juli 2018 gaat hij 80% (30,4/38) werken en verdient hij 1 750 euro per maand (geen prestaties op vrijdag). In 2018 nam hij in februari 10 dagen (20 werkdagen) vakantie (VT-regime) en in november 8 dagen vakantie (DT-regime) (22 werkdagen). Het dubbel vakantiegeld werd uitbetaald in juni 2018.

Ter info: voltijds = 20 dagen, 80 pct. = 16 dagen. 10 van de 20 dagen genomen in voltijds regime, dus 50 % genomen, dan ook 50 % over van 16 dagen = 8 dagen

In 2019 neemt de bediende 8 dagen vakantie in mei (23 werkdagen) en de overige 8 dagen in oktober (23 werkdagen).

We berekenen het vakantiegeld bij daling van de tewerkstellingsbreuk op de volgende manier:

1. Ontvangen vakantiegeld gedurende 2018

Voltijds regime

  • EV 20 arbeidsdagen in april: (10/20 x 2 000 euro) = 1000 euro
  • DV (92% x 12/12 x 2 000 euro) = 1 840 euro (1 700 + 140)

Deeltijds regime (geen prestaties op vrijdag)

  • EV 22 arbeidsdagen in november: (8/22 x 1 750 euro) = 636,36 euro 
2. Vertrekvakantiegeld in december 2018

Als basis gebruiken we het jaarloon van 2017 en daar berekenen we 7,67 %, 6,8 % en 0,87 % op.

  • (12 maanden x 2000 x 7,67 %) = 1 840,80 euro
  • (12 maanden x 2000 x 6,8 %) = 1632 euro
  • (12 maanden x 2000 x 0,87 %) = 208,80 euro

Van de bedragen die we als resultaat uitkomen, mogen we de hierboven vermelde bedragen aftrekken.

  • EV (1 840,80 – 1000 – 636,36) = 204,44 euro
  • DV (1 632 + 208,80) - (1 700 + 140) = 0,80 euro  
3. Ontvangen vakantiegeld gedurende 2019

In 2019 ontvangt de bediende eveneens vakantiegeld voor de dagen vakantie die hij kan opnemen.
Mei 2019:

  • EV (1 750 euro x 8/23) = 608,7 euro
  • DV (1 750 x 85 %) = 1 487,50 euro
  • DV (1 750 x 7 %) = 122,50 euro

Oktober 2019:

  • EV (1 750 euro x 8/23) = 608,7 euro
4. Prestaties in 2018

6 maanden aan 100 % + 6 maanden aan 80 % = 90 % gewerkt in 2018
Ofwel
(100+100+100+100+100+100+80+80+80+80+80+80) /12 = 90

Omdat deze bediende in 2018 meer vakantierechten (90 %) heeft opgebouwd dan hij er kan opnemen in 2019 (80 %), moeten we ook dit verschil uitbetalen.

5. Vertrekvakantiegeld in december 2019

(2 000 x 6) + (1 750 x 6) = 22 500 euro

  • EV 22 500 euro x (7,67 % - 608,7 – 608,7) = 508,35 euro
  • DV 22 500 euro x (6,8 % - 1 487,50) = 42,50 euro
  • DV 22 500 euro x (0,87 % - 122,50) = 73,25 euro
Oplossingen
Opleidingen
Referenties
Nieuws
Partners